zaterdag 16 juli 2016

Tussen de Vlinder en de Libellen

Vanmiddag zat ik tussen de Vlinder en de Libellen. Nadat ik vanmorgen met de fiets aan het Beleven ging en met de Coolpix enkele foto's maakten, ben ik vanmiddag met de auto terug gereden en te voet naar de achterkant van het Beleven gegaan op zoek naar vlinders en ook libellen.

De Dagpauwoog

De dagpauwoog is een middelgrote vlinder uit de familie Nymphalidae en de onderfamilie aurelia's. De dagpauwoog is een van de bontst gekleurde en bekendste soorten vlinders in Europa.

Dagpauwoog

Gewone oeverlibel

De gewone oeverlibel (Orthetrum cancellatum) is een echte libel uit de familie van de korenbouten (Libellulidae). Het is de grootste en meest algemene oeverlibel in Nederland. De gewone oeverlibel heeft een pijlvormig achterlijf: het begint breed, eindigt in een punt en heeft rechte zijkanten. Het gezicht is geel tot bruin. De pterostigmata zijn zwart. Uitgekleurde mannetjes hebben een blauwberijpt achterlijf met een duidelijke zwarte punt. Aan de buitenranden van de segmenten staan gele streepjes, die bij oude mannetjes verdwijnen onder nog meer blauwe berijping. Het borststuk is bruin, zonder blauwe berijping. Jonge mannetjes die nog geen berijping op het achterlijf hebben, zien eruit als vrouwtjes: de grondkleur van het lichaam (zowel achterlijf als borststuk en gezicht) is geel. Op de bovenkant van het achterlijf lopen twee dikke zwarte lengtestrepen. De lichaamslengte van volwassen dieren ligt tussen 44 en 50 millimeter en de spanwijdte is 70 tot 80 mm; de larve is 19-29 mm lang.

Bruinrode heidelibel

De bruinrode heidelibel (Sympetrum striolatum) is een echte libel uit de familie van de Korenbouten (Libellulidae). Het is een libel van 42 à 44 mm die in vrijwel heel Europa voorkomt. In Nederland is het een algemene soort van juli tot oktober. Regelmatig vinden er invasies vanuit het zuiden plaats. De bruinrode heidelibel heeft weinig opvallende kenmerken. De poten zijn zwart met gele strepen. De dijen van de voorste poten zijn meestal driekleurig: zwart-geel-zwart. Het zwarte streepje op het voorhoofd (tussen de ogen) stopt bij de oogranden en loopt niet of nauwelijks langs de oogranden naar beneden (de zogenaamde 'hangsnor' ontbreekt). Vaak is langs de oogranden wel een donker veegje aanwezig. Het mannetje heeft een lang en slank achterlijf, zonder knotsvormige verbreding aan het uiteinde.

Bruinrode heidelibel

Bruinrode heidelibel

Gehakkelde aurelia

De gehakkelde aurelia (Polygonia c-album) is een vlinder uit de onderfamilie Nymphalinae van de familie Nymphalidae (aurelia's of schoenlappers). Deze middelgrote vlinder komt voor in een groot deel van het Palearctisch gebied en zijn verspreidingsgebied breidt zich steeds verder uit naar het noorden. Met de dagpauwoog, atalanta, kleine vos en landkaartje is de gehakkelde aurelia een van de "brandnetelsoorten" onder de dagvlinders, waarvan de rupsen vooral op brandnetel te vinden zijn. Het menu van de rups van de gehakkelde aurelia kan echter ook uit andere planten bestaan. De vlinder overwintert als volwassen dier verstopt in boomholtes of tussen afgevallen blad.

Citroenvlinder

De citroenvlinder (Gonepteryx rhamni) is een dagvlinder uit de familie Pieridae, de witjes en luzernevlinders. Deze soort behoort tot de laatste groep en is een van de grootste soorten luzernevlinders. De spanwijdte is tot 55 millimeter, de mannetjes zijn meer geel, de vrouwtjes meer groen van kleur maar dit is in het veld niet altijd even eenvoudig te zien. Ze vallen zowel in vlucht als bij bezoek aan bloemen goed op. De vrouwtjes zijn ook veel bleker van kleur en worden soms verward met de witjes. Beide vlinders (mannetje-vrouwtje) zijn te herkennen aan een oranje stip op iedere vleugelpunt.

Oranje zandoogje

Het oranje zandoogje (Pyronia tithonus) is een vlinder uit de onderfamilie Satyrinae, de zandoogjes en erebia's. De wetenschappelijke naam tithonus verwijst naar de tweede geliefde van Eos, de godin van de dageraad. Het oranje zandoogje heeft een voorvleugellengte van 21 tot 28 millimeter. De bovenzijde van de vleugels is oranje met een brede bruine rand. Bij de mannetjes loopt over de voorvleugel een brede bruinzwarte geurstreep. Bij de apex bevindt zich in het oranje veld een zwarte vlek met twee witte puntjes. Verwarring is mogelijk met het vrouwtje van het bruin zandoogje, dat een oranje vlek op de voorvleugel heeft en soms ook een dubbel wit puntje in de zwarte vlek. Het bruin zandoogje is echter groter dan het oranje zandoogje, de oranje tekening is bij het bruin zandoogje meestal kleiner en minder strak omrand en ontbreekt vrijwel op de achtervleugel. Bovendien wordt in rust de rand van de voorvleugel bij het bruin zandoogje meer naar achtergebogen dan bij het oranje zandoogje.

Klein koolwitje

Het klein koolwitje of knollenwitje (Pieris rapae) is een dagvlinder uit de familie witjes (Pieridae). Onder de waardplanten van het klein koolwitje bevinden zich verscheiden koolsoorten, vandaar ook de naam. Door kwekers van koolsoorten wordt de rups algemeen als een plaagdier gezien. Meer specifiek zijn de waardplanten: De kruisbloemenfamilie (Brassicaceae), de resedafamilie (Resedaceae), de kappertjesplant (Capparis spinosa), de Oost-Indische kers en andere (Tropaeolaceae) en enkele soorten uit de amarantenfamilie (Chenopodiaceae) zoals vooral meldes (Atriplex).