zaterdag 25 oktober 2014

De Heilige Eik, Oirschot

De Beerze bij de Kapel van de Heilige Eik nabij Oirschot


Als de Groote en de Kleine Beerze in het Landgoed de Baest samenkomen heet de rivier vanaf daar Beerze. De Beerze stroomt daarna onder het Wilhelminakanaal door en heeft bij de Heilige Eik een zijtak, die door de bossen aldaar stroomt. De zijtak meandert, om historische reden (hieronder beschreven) tot voorbij de bossen, die voor het grootste deel deel uit maken van Landgoed de Baest. Na de bossen komen de zijtak en de hoofdloop van de Beerze weer samen. De bruggetjes en de hangbrug over de Beerze maken het aantrekkelijk voor een wandeling.

Kapel van de Heilige Eik
De legende is omstreeks 1610 opgetekend door Petrus Vladeraccus, een toenmalig katholiek geloofsijveraar. De legende luidt dat een paar herders 'twee eeuwen voordien' (dus begin 15e eeuw) een Mariabeeldje op de oever van de Beerze vonden en dit in een eik plaatsten, waarna ze in aanbidding neervielen. Bewoners van Middelbeers namen het beeld mee en plaatsten het in hun kerk, maar de volgende ochtend was het beeld weer op de oorspronkelijke plaats aanwezig. De inwoners van Oirschot kwamen nu om het beeld te vereren, en er waren bij de eerste bezoekers al diverse mensen die op wonderbaarlijke wijze van hun koortsen genazen. Naar een andere variant van de legende dreef het beeld stroomopwaarts in de Beerze, en werd het tot tweemaal toe door de Beersenaren ontvreemd.

De Beerze


De naam Beerze werd al in 1545 gebruikt door keizer Karel V en is vermoedelijk afgeleid van berne (bron) of barne (branden). Barne verwijst naar de aanwezigheid van veen (turf), dat vroeger dienst deed als brandstof voor de kachel. Het veen werd gevormd in de laaggelegen gebieden rond de beek. De Beerze begint bij het landgoed Baest, waar de Groote Beerze en de Kleine Beerze samenstromen. Vervolgens stroomt de beek langs Spoordonk en de Kampina naar Lennisheuvel, waar de Beerze Smalwater gaat heten. Vlak voor Boxtel stroomt een zijtak, de Kleine Aa, naar de Esschestroom. De hoofdtak mondt bij Boxtel in de Dommel uit.

De Beerze loopt voor een groot deel door natuurgebieden en heeft dan ook op veel plaatsen haar oude meanderende loop behouden. Wel zijn op een aantal plaatsen omleidingen aangelegd. In de periode 1990-1999 is bij Viermannekesbrug een overstromingsgebied voor de Beerze gerealiseerd van zo'n 50 hectare. Het gebied staat ongeveer drie maanden per jaar onder water.

donderdag 23 oktober 2014

Neterselse Heide in de herfst

Landgoed de Utrecht en Neterselse Heide in de herfst

Het Koevoirtbrugje Landgoed de Utrecht

Het landgoed dankt zijn naam aan de levensverzekeringsmaatschappij De Utrecht, die later onderdeel werd van AMEV, en inmiddels via een tussenstop bij het Belgisch-Nederlands bank- en verzekeringsconcern Fortis eigendom is van ASR Verzekering NV. Het bedrijf ontgon vanaf 1898 de uitgestrekte heidevelden op grote schaal. Op 25 mei 1899 werd een begin gemaakt met het ontginnen van de eerste 700 ha. De werken werden uitgevoerd door de Heidemij. Uiteindelijk werd de heide omgezet in 1800 hectare bos en 600 hectare landbouwgrond, terwijl daarnaast nog 400 hectare natuurterrein bleef voortbestaan.

Omstreeks 1920 kreeg de verzekeringsmaatschappij ook oog voor de natuurwaarden van het terrein, waardoor een deel van het terrein onontgonnen bleef. Het bos bestaat voornamelijk uit grove den, douglas en Europese lariks en leverde stuthout aan de Zuid-Limburgse steenkoolmijnen. Tot de belangrijke natuurterreinen op het landgoed behoort het dal van de Reusel, die hier meandert. Dit gebied wordt De Hertgang genoemd. Hier ligt ook de buurtschap Dun, alwaar zich de uitspanning De Bockenreijder bevindt. Aansluitend ligt het landgoed Wellenseind, waardoorheen een zijriviertje van de Reusel loopt, de Raamloop geheten. Het Wellenseind werd in de jaren '20 van de 20e eeuw deels ontgonnen door de Goirlese textielfabrikant Van Puijenbroek.

Neterselse Heide

De Neterselse Heide is een natuurgebied dat is gelegen ten noorden van Netersel en eigendom is van het Brabants Landschap. Het gebied is 229 ha groot. Dit gebied is verworven in 2004, toen het voor € 1 werd gekocht van de gemeente Bladel. Er is droge maar vooral ook natte heide te vinden. Moeraswolfsklauw, beenbreek en klokjesgentiaan komen er voor, evenals witte snavelbies en zonnedauw. Van de vogels kunnen blauwe kiekendief, boomleeuwerik en roodborsttapuit worden genoemd.

Een zeldzaam bostype is het dophei-berkenbroek. Dit bestaat uit open begroeiing van zachte berk op zure, voedselarme natte bodem. Het bos groeit traag en de bomen worden niet hoger dan 5 à 10 meter. De begroeiing bestaat uit dopheide, gagel, veenmossen en bulthaarmos. Delen van het gebied worden begraasd.

zondag 19 oktober 2014

Landgoed 'De Baest'

De Kleine Beerze stroomt door landgoed 'De Baest'


Landgoed de Baest is gelegen tussen Spoordonk en Oostelbeers. Het is particulier bezit en de huidige eigenaar is Jan Hein van de Mortel, de voormalige Nederlandse ambassadeur in Zwitserland. Dit gebied van 380 ha is zowel vanuit natuurhistorisch als cultuurhistorisch oogpunt van groot belang. Het gebied bestaat uit afwisselend naald- en loofbos met in het centrum een complex van akker- en weidegronden. Hier bevinden zich ook de gebouwen van het landgoed. Landgoed de Baest is vrij toegankelijk voor wandelaars, met uitzondering van de onmiddellijke omgeving van het landhuis.

Tussen 1317 en 1660 was het in bezit van de Abdij van Tongerlo. In 1773 werd het landgoed door Johan van Bommel gekocht. Het bestond uit een herenhuysinge en twee boerderijen. Enkele jaren later werden er nog drie boerderijen bijgebouwd, waaronder De Lindenhoeve en de Eikehoef. Het herenhuis, Huis te Baest, stamt weliswaar uit de 16e eeuw, maar is tijdens de 18e eeuw in classicistische stijl vernieuwd. Bij het landhuis bevindt zich een fraaie tuin.

Het landhuis is nog bewoond geweest door de adellijke familie De la Court, waaronder Paulus Emanuel de la Court (Gemert, 1770-1848) en Lambertus Bernardus de la Court (1846-1866). Van de laatste is nog een grafmonument aanwezig op de begraafplaats te Oostelbeers. Een van de laatste dochters van de la Court, Cecilia, trouwde met J.H.J. van de Mortel, notaris te 's-Hertogenbosch. Tegenwoordig is het landgoed eigendom van de familie Van de Mortel.

In 1928 werd het Wilhelminakanaal aangelegd, waardoor het landgoed in tweeën werd gedeeld. De Grote Beerze en de Kleine Beerze stromen door het gebied, waar ze samenvloeien tot de Beerze. Van daar gaat ze met een duiker onder het kanaal door en vloeit verder naar het noorden. Het Waterschap heeft in de eerste helft van de twintigste eeuw ook de Beerze willen kanaliseren. De toenmalige eigenaar van het landgoed wilde de rivier in zijn landgoed niet aantasten. Daarom meanderen de Grote en Kleine Beerze nog binnen het landgoed. Ter wille van de waterafvoer is een omleidingskanaal gegraven.

De aanwezigheid van de riviertjes geven het landgoed een grote afwisseling, aangezien er droge en vochtige gedeelten bestaan. In de greppels vindt men veel Dubbelloof. Sedert 2007 wordt de beek tussen Baest en Spoordonk aangepast. Daarbij wordt de oorspronkelijke meanderende loop weer zo veel mogelijk hersteld en ook worden overstromingsgebieden aangelegd zodat de capaciteit voor waterberging toeneemt en nieuwe natuurgebieden worden geschapen.

maandag 6 oktober 2014

Groote Beerze Netersel - Westelbeers

Dal van de Groote Beerze van Netersel naar Westelbeers


Het 'Dal van de Groote Beerze' is de naam van een beheerseenheid van het Brabants Landschap die 298 ha groot is en bestaat uit een aantal terreinen in het dal van de Grote Beerze tussen Netersel en Westelbeers. Waterschap de Dommel regelt het waterbeheer en het Brabants Landschap het natuurbeheer. Het beheer van de beplanting in de Groote Beerze wordt gedeeld door beide organen.

Het omvat de gebieden Beersbroek en Steenselaarbeemden aan de westkant van het riviertje, en het gebied Grijze Steen aan de oostkant. De eerste twee gebieden zijn kleinschalige cultuurlandschappen met wat stukjes bos en weiland, en houtwallen. Het Beersbroek kent ook schraalgraslandjes met Dotterbloem, Poelruit, Moerasviooltje, Klein glidkruid, Kleine valeriaan, Brede orchis, Blauwe knoop en Spaanse ruiter. De Grijze Steen bevat nog een heideveldje, waar ook Klein warkruid, Moeraswolfsklauw, Zonnedauw en Klokjesgentiaan valt aan te treffen. Men vindt in dit gebied ook leemputten, overblijfsel van delfstofwinning van de mens voor de vervaardiging van blauwgrijze stenen, vanwaar de naam afkomstig is.


Men is sinds 2005 bezig om de Grote Beerze weer haar oorspronkelijke meanderende loop terug te geven. Overstromingsgebiedjes zijn daarbij aangelegd maar het water is nog te voedselrijk om regelmatig de schraalgraslandjes te overstromen. Daarom zijn deze van een kade voorzien, terwijl door Waterschap De Dommel een zuiveringsmoeras is aangelegd. Echter het meander karakter van voor de ruilverkaveling van eind zestiger jaren is wat overdreven toegepast. Ook was de rivier destijds niet dichtgegroeid met riet en kreupelhout. Het riet neemt het fosfaat op dat nog in het water zit nadat het de zuiveringsinstallatie heeft verlaten.

Het troebele water is het gevolg van de riet en rivierbodem maaiwerken van de afgelopen weken. Binnen een kleine maand is het water weer helder.