zaterdag 28 november 2015

Test Nikon 200-500 telelens

De test van de Nikon 200-500 lens, met en zonder teleconverter zijn genomen onder zwakke lichtomstandigheden. Het was betrokken, donkerachtig weer. Voor grote telelenzen heb je veel licht nodig, vooral als er nog eens een teleconverter tussen wordt geplaatst.

De nieuwe AF-S 200-500mm f/5.6E ED VR van Nikon is nu bereikbaar voor de amateurfotograaf

De fotogegevens staan in de testfoto's. Waar ik benieuwd naar was, was de scherpte en de werking van de autofocus bij gering licht in combinatie met de teleconverters, die lichtverlies opleveren. De 2.0 teleconverter vergroot de lenslengte met 2x, waardoor de lens 400-1000 mm wordt (ja, 1 meter). met de 1.4 teleconverter wordt de lens 280-700 mm (Is ook al wat).

De lens zonder teleconverter (500mm) stelde goed en snel scherp. In combinatie van de 1.4 converter en zwak licht werkte de autofocus nog redelijk goed, werd wel wat trager. Als de zon even door kwam werkte de autofocus snel en goed. Bij gebruik van de 2.0 converter moet er handmatig scherp gesteld worden. Enige oefening is wel gewenst.

Aan de kleurinstelling (witballans) heb ik niet veel aandacht besteed. Dat komt later wel. De foto's waar de camera op te zien is heb ik met de videocamera gemaakt (op foto modus).


Conclusie:
Met gering licht, zoals in de wintermaanden, doet de telelens zonder teleconverter het prima. Op zonnige dagen kan de 1.4 teleconverter er op. De 2.0 teleconverter heeft veel licht nodig. Die moet nog even wachten op de mooie zomerdagen.

woensdag 25 november 2015

De Zwarte mees in de tuin

De zwarte mees werd meegelokt door de koolmezen en de pimpelmezen, die net als vorig jaar, in grote getale in de tuin op voer af komen. De Zwarte mees lijkt een kleine, bleke koolmees met witte vlek op het achterhoofd en is net iets kleiner als de Pimpelmees. Slechts 10 - 11,5 cm.

Zwarte mezen hebben een klein kuifje, dat ze opzetten wanneer ze zich ergens druk om maken. Het zijn naaldboombewoners, die vooral spinnen en insecten eten die ze in de bovenste lagen van de bomen zoeken. In de winter eten zwarte mezen vooral zaden, waardoor ze ook vaak in tuinen zijn waar te nemen op voedertafels en aan vetbollen.

De Zwarte mees heeft witte vlekken op de vleugels en heeft een witte streep over het achterhoofd.

Links de zwarte mees, rechts een wat vale koolmees.

Opmerkelijk is dat Engelsen de zwarte mees 'koolmees' noemen. Dat is op zich ook wel logisch, want onze koolmees is veel minder vaal en grauw gekleurd dan de Engelse 'Coal Tit'. In Nederland komen zwarte mezen vooral voor op de zandgronden. Naaldbossen vormen de belangrijkste leefgebieden. Soms verschijnt de Zwarte Mees, gelokt door de andere meesjes, in de tuinen op de voertafel.

De zwarte mees kwam s'morgens van de zonnebloempitten proeven.

De Zwarte mees komt 's winter ook op vetbollen en voedertafels af. In sommige jaren spectaculaire doortrek van noordelijke vogels. Het vogeltje heeft een vrij grote zwarte kop en witte wangen en een dikker achterhoofd dan de koolmees met een ovale witte vlek. Onderdelen grauw bruinwit zonder zwarte middenstreep. Mantel blauwgrijs en twee witte strepen op de vleugels. De snavel is kort, vrij dun en spits.

Het zwarte mezenbestand in Nederland lijkt behoorlijk stabiel te zijn. Dat is echter geen bijzonder gunstig teken, want de beschikbaarheid van geschikte leefgebieden is sterk toegenomen. Het ouder worden van bossen in Flevoland en elders in het land maken dat juist een toename van het aantal zwarte mezen verwacht zou mogen worden. Uit lokale inventarisaties blijkt deze ongunstige trend veel duidelijker. In Midden-Limburg werd een afname van 30% geconstateerd. Het opruimen van kleine naaldhoutbosjes in het landelijk gebied speelt de zwarte mees parten. Ook de omvorming van productiebos (meestal naaldhoutplantages) naar een veel meer natuurlijk beheerd bos is voor de zwarte mees ongunstig, al profiteren veel vogelsoorten hiervan sterk.

Bij tellingen tussen 1998-2000 bleken er tussen de 30.000 en 40.000 zwarte mezen in Nederland voor te komen.

maandag 16 november 2015

Nikon's nieuwe 200-500 telelens

Nikon verandert het supertelelandschap met de nieuwe AF-S NIKKOR 200-500mm f/5.6E ED VR. Nikon introduceert een gloednieuw supertelezoomobjectief met een ongekende veelzijdigheid. De AF-S NIKKOR 200-500mm f/5.6E ED VR zit boordevol met de nieuwste objectieftechnologieƫn en biedt een zeer groot bereik.

Ongeacht of u wilde (zoog)dieren, vogels, vliegtuigen of snelle sporten fotografeert, dit krachtige nieuwe FX-formaat zoomobjectief presteert altijd uitstekend. Het bereik van 200-500mm biedt een uitzonderlijke reikwijdte, terwijl het constante diafragma van f/5.6 een consistente snelheid en vloeiende controle over de scherptediepte biedt over het gehele zoombereik.

De AF-S NIKKOR 200-500mm f/5.6E ED VR op een Nikon D300

De prestaties zijn uitmuntend met een optische constructie bestaande uit 19 elementen in 12 groepen en dankzij drie elementen van ED-glas wordt chromatische aberratie tot een minimum beperkt. Als grootste zoomobjectief met een vast diafragma in het huidige NIKKOR-assortiment beschikt de NIKKOR 200-500mm ook over de nieuwste generatie van Nikon’s technologie voor vibratiereductie (VR). Dit indrukwekkende systeem maakt het mogelijk scherp te fotograferen met sluitertijden die tot 4,5 stops langer zijn en biedt de VR-stand SPORT voor het volgen van snelle acties. Daarnaast biedt Nikon's exclusieve Silent Wave Motor (SWM) een snelle AF-respons. Het elektromagnetische diafragma maakt een stabiele AE-controle mogelijk, zelfs tijdens snelle continu opnamen.

De AF-S NIKKOR 200-500mm f/5.6E ED VR zet Nikon’s traditie van geavanceerde beeldtechnologie voort. Aangezien de bestaande VR-stand SPORT is geĆÆntegreerd in het VR-systeem, is dit objectief ideaal voor het fotograferen van bewegende onderwerpen, zoals vliegende vogels of snelle sporten. SPORT VR blinkt uit in situaties waarin een fotograaf de camera moet pannen om onderwerpen te volgen. De stand biedt een stabiel zoekerbeeld en maakt een beeldsnelheid bij continu-opnamen mogelijk die vergelijkbaar is met wanneer VR is uitgeschakeld.


Het vaste maximale diafragma van f/5.6 over het gehele zoombereik maakt ook het gebruik van AF mogelijk als een 1,4x-teleconverter op een f/8-compatibele camera wordt gebruikt. Bij gebruik van een Nikon AF-S Teleconverter TC-20E III word de brandpuntafstand verdubbeld. De brandpuntafstand van 200-500 mm wordt dan 400-1000 mm. Met de verlengingsfactor van een DX camera, verlengt de brandpuntafstand nog eens 1,5 x 400-1000 ten opzichten van de Full frame (FX), wat dan 600-1500 mm wordt (ANDERHALVE METER).

De AF-S NIKKOR 200-500mm f/5.6E ED VR is voorzien van een zoomvergrendeling die het objectief vastzet wanneer dit niet in gebruik is, en een afneembare statiefaansluiting. Een afneembare zonnekap en een zachte tas worden bij het objectief geleverd.

De Nikkor AF-S 200-500mm F5.6 ED VR kost € 1.599,00 bij Foto Konijnenberg.