zaterdag 23 januari 2021

Mijn visuele natuurverhalen

Mijn naam is Jozef van der Heijden. Ik woon in de Brabantse Hulsel.
Ik fotografeer al sinds de 70er jaren. Ik begon met een kleinbeeld fotocamera en een Super 8 filmcamera met geluidsregistratie. Op de boerderij filmde ik Groenlingen en Kneuen die de jongen op hun nest verzorgde. Mijn interesse gaat naar de natuur in het algemeen. Van vogels tot paddenstoelen, mossen, korstmossen en  landschappen. Maar vogels fascineren mij wel het meest. Daarnaast ben lid van diverse natuurbescherming organisaties (zie de logo's hieronder).

Hoewel vogels mijn voorkeur genieten, ontdekte ik op 4 januari 2019 de Opkrullende strookzwam in de bossen van Hapert, officieel de 19e geregistreerde vondst in Nederland sinds 1855 en de eerste sinds 1985. Daarna vond ik nog twee plaatsen waar deze zeer zwam voor kwam. Op 16 oktober 2019 vond ik op Landgoed Wellenseind de eveneens zeer-zeldzame Kroontjesknotszwam. Verspreidingsatlas.nl meldt sinds 1990 slechts 105 vindplaatsen in Nederland.

Volg mij op: Facebook Twitter YouTube en met www.jozefvanderheijden-foto.nl. Mijn onderwerpen: Alles wat de natuur gedurende de vier jaargetijden biedt.

Hoog water door stuw in Belevensche Loop

Het waterpijl in de beken en vennen begint langzaam z'n normale hoogte te bereiken. Het heeft de laatste tijd ook veel geregend. De Waterschappen hebben de stuwen hoog staan om het water lang vast te houden en zo de kans te geven om in de grond te trekken en niet snel naar de Noordzee te laten stromen.


De Belevensche Loop is een van de bronbeken van het riviertje de Reusel. Het Hoevensche Loopje mondt uit in de Belevenvensche Loop, waarna het beekje de Reusel heet. De Reusel is een beekje dat ontspringt in het zuidwesten van Reusel dat stroomt via Reusel en Lage Mierde door Landgoed De Utrecht en vervolgens langs Baarschot en Diessen onder het Wilhelminakanaal door naar Moergestel waarna zij net ten zuiden van Oisterwijk overgaat in de Achterste Stroom.

De Belevensche Loop stroomt in z'n geheel door de zandgronden van de Kempen. Omdat de Kempen op een horst gelegen zijn, ligt de bron op de voor Noord-Brabant aanzienlijke hoogte van 30-31 meter boven NAP. De lengte van de beek is ongeveer 3 kilometer.

vrijdag 22 januari 2021

De Zwartkop man komt tot in onze tuinen

Als de corona maatregelen willen dat we thuis blijven, komt het goed uit als vogels naar je tuin toe komen. Behalve de meesjes, mussen en vinken kwam er vandaag ook een zwartkop man op het voer dat ik daar heb neergelegd af. Opvallend is wel dat het mannetje zich alleen liet zien. Een vrouwtje was niet te zien.


Het mannetje heeft een zwarte kruin, terwijl het vrouwtje een roodbruine heeft.

De zwartkop is van kop tot staart ongeveer net zo groot als een koolmees, alleen heeft de zwartkop een kortere staart als de koolmees en heeft de zwartkop een iets zwaarder lijf. De zwartkop dankt zijn naam aan de zwarte pet op zijn kop, die alleen het mannetje draagt. Het vrouwtje heeft een roestbruine pet. Bij het mannetje is de rest van het verenkleed grijs, bij het vrouwtje grijsbruin. Een jong mannetje heeft in de winter een zwarte pet, met bruine vlekken. De zwartkop vliegt weinig en laat zich vooral horen.


De zwartkop broedt in bossen en halfopen landschappen met bomen en struiken. Leeft bij voorkeur in loof- en gemengde bossen met een rijke ondergroei van vooral bramen. Komt ook voor in parken, tuinen en andere halfopen landschappen met bomen en struiken. Zwartkoppen trekken grotendeels weg vanaf half augustus tot half oktober naar het zuidwesten, samen met Duitse en Scandinavische broedvogels. Ze overwinteren in Zuid-Engeland of het westelijk deel van het Middellandse Zeegebied: voornamelijk Spanje, Marokko en Algerije. Zwartkoppen keren in begin april terug in Nederland en steeds vaker al in maart. Doordat de winters steeds zachte en warmer worden, blijven steeds meer Zwartkoppen in ons land tijdens de winter.

De Zwartkoppen die bij ons overwinteren hebben als voordeel dat ze eerder terug kunnen zijn in hun broedgebieden dan de overwinteraars in het zuiden. Ze kunnen hun terugkeer beter plannen en de beste broedterritoria bezetten. Net als andere insecteneters schakelt deze zangvogel in de winter over op een dieet van zaden, daarom kunnen ze het in de winter uithouden. Tijdens strenge winters hebben de hier overwinterende vogels het veel moeilijker en zullen er niet veel het einde van de winter halen. Dan zijn de in het zuiden overwinterende vogels in het voordeel. Met deze kwakkelwinter is de kans groot dat dit mannetje het in ieder geval gaat redden.

zondag 17 januari 2021

De Cartierheide na de eerste sneeuw

Ik moest vanmorgen vroeg op pad om de eerste sneeuw die gisteren tegen zonsondergang in Noord Brabant was gevallen nog te kunnen filmen op de Cartierheide. De sneeuw was al aan het verdwijnen. Het had vannacht immers niet gevroren. Vanmorgen was het al 2 graden boven nul, en het zou nog warmer worden.


We moesten er even op wachten, maar nu was het eindelijk zover. Gisteren (zaterdag 16 januari)viel in Noord Brabant de eerste sneeuw van deze winter. De eerste sneeuw viel in Zeeland, rond 16.00 uur kleurde West-Brabant wit. Meer dan een dun laagje sneeuw werd het niet. Het groen van het gras scheen op diverse plaatsen nog door de sneeuw. In de loop van de avond en gedurende de nacht bleef de vorst uit. Het werd zelfs een paar graden boven het vriespunt.

Daarom was het te verwachten dat de sneeuw niet lang zou blijven liggen. Wat is er in de winter nu mooier dan een landschap dat er ook echt winters uit ziet. Dus trok ik er vanmorgen zodra het licht was op uit om een rondje over de Cartierheide te rijden, om het landschap in beeld te brengen. Toen ik het gebied verliet kwam de zon door. Een goed uur later was de sneeuw bijna overal verdwenen.

zaterdag 16 januari 2021

Sneeuwval bij het vallen van de avond

Vanavond (zaterdag 16 januari) kregen we de tweede winterse prik in het zuiden van Nederland. In het noorden en in Zuid Limburg hebben ze al kunnen genieten van een winters sneeuwlandschap. Het sneeuwde vandaag in vrijwel het hele land, in het westen al vroeg op de dag, in het oosten het laatst. Het winterse weer begon 's middags in Zeeland en trok daarna verder richting het noordoosten. Het KNMI gaf zelfs code geel af voor het hele land vanwege mogelijke gladheid. Rond 16.00 uur kleurde West-Brabant wit. De sneeuw trekt verder naar het oosten. Het is de eerste sneeuw deze winter in Noord Brabant.


Het is de eerste sneeuw deze winter in Noord Brabant.

Deze video is opgenomen in Timelapse. Een timelapse is een video die is opgebouwd uit een grote reeks foto’s die met een vaste interval zijn geschoten. Een timelapse opname (à 25fps) van slechts twintig seconden kan al uit 500 afzonderlijke foto’s bestaan! De foto’s worden achter elkaar ‘afgespeeld’, frame voor frame, waardoor ze samen een soepele video vormen. Hierdoor zie je dingen die je met het blote oog niet kunt waarnemen.

Timelapse is het tegenover gestelde van slow motion. Bij een timelapse worden de versnelt, in tegenstelling tot een slow motion. In een slow motion word een opname vertraagd afgespeeld. Vaak wordt een timelapse gebruikt ter aanvulling in een video. Dit geeft sfeer, rust en afwisseling. Een extra voordeel is dat een wat minder interessant stukje video als timelapse sneller voorbij gaat, terwijl je het moment toch op een leuke manier kunt toevoegen aan het geheel. De meest bekende timelapse opnames zijn beelden van een zonsopgang of zonsondergang, de sterrenhemel, indrukwekkende wolkenpartijen en stormen, bewegende mistflarden, bloemen die open of juist weer dicht gaan en de dagelijkse drukte in een stad.

Gebruik deze TimeLapse tabel om de duur van je video's vast te stellen. Een TimeLapse video wordt vanaf een vast punt opgenomen, zonder de camera te verplaatsen. Als je de camera wel mee wilt laten bewegen, gebruik dan de optie TimeWarp.

Interval Opnametijd Videoduur (à 25fps)
0,5 seconde 5 minuten 24 seconden
     
1 seconde 5 minuten 12 seconden
1 seconde 10 minuten 24 seconden
1 seconde 20 minuten 48 seconden
1 seconde 30 minuten 72 seconden (1':12")
1 seconde 1 uur 144 seconden (2':24")
     
2 seconden 10 minuten 12 seconden
2 seconden 20 minuten 24 seconden
2 seconden 30 minuten 36 seconden
2 seconden 40 minuten 48 seconden
2 seconden 50 minuten 60 seconden (1':00")
2 seconden 60 minuten 72 seconden (1':12")
     
5 seconden 30 minuten 14,4 seconden
5 seconden 45 minuten 21,6 seconden
5 seconden 50 minuten 24 seconden
5 seconden 1 uur 28,8 seconden
5 seconden 2 uur 57,6 seconden
5 seconden 3 uur 86,4 seconden (1':30")
5 seconden 4 uur 115,2 seconden (1':55")
5 seconden 5 uur 144 seconden (2':24")
     
10 seconden 1 uur 14,4 seconden
10 seconden 2 uur 28,8 seconden
10 seconden 3 uur 43,2 seconden
10 seconden 4 uur 57,6 seconden
10 seconden 5 uur 72 seconden (1':12")
     
20 seconden 10 uur 72 seconden (1':12")
20 seconden 20 uur 144 seconden (2':24")
20 seconden 30 uur (1 dag, 6 uur) 216 seconden (3':36")
20 seconden 40 uur (1 dag, 16 uur) 288 seconden (4':48")
20 seconden 50 uur (2 dagen, 2 uur) 360 seconden (6':00")
20 seconden 60 uur (2 dagen, 12 uur) 432 seconden (7':12")
     

PRO TIP:
Voor het beste resultaat bevestig je de camera op een statief of plaats je de camera op een stabiele ondergrond. Gebruik TimeWarpvideo om Timelapse-video's vast te leggen als je onderweg bent.

woensdag 13 januari 2021

Natuurgebied De Pals na hevige regen

Als je nu door de bossen wandelt of fietst, zou je kunnen denken dat het voorlopig wel genoeg geregend heeft. Maar schijn bedriegt. De plassen die er staan zijn zeker veroorzaakt door de veelvuldige regen van de laatste tijd, maar de sliplaag in de bovengrond maakt dat het water maar langzaam weg kan trekken. Als het zand opgebouwd is uit grove korrels, zakt het water er ook snel door, en zal het sneller opdrogen.


Natuurgebied De Pals ten zuiden van Bladel is een natuurgebied waar waar veel naaldbomen staan. De grond in het gebied is normale bosgrond, geen zand waar water heel snel in weg zakt. Gaten en putten op bospaden en de singeltracks van de permanente mountainbike route blijven vrij lang gevuld met regenwater. De bovenlaag is na een regenbui ook erg modderig.
De Pals bevindt zich ten zuidoosten van het Noord Brabantse Bladel. De Pals is een bosgebied dat samen met Kroonvense Heide een oppervlakte heeft van 508 ha. Het maakt tegenwoordig deel uit van Boswachterij De Kempen en is eigendom van Staatsbosbeheer. Er is ook een weg die De Pals heet, en daaraan staat een landhuis van dezelfde naam.

Een deel van Pals is aangewezen als een Natura 2000 bosreservaat. Het bevat bestanden van Grove den die uit 1882 stammen. Om een natuurlijk milieu te verkrijgen zijn exotische bomen, met name de Amerikaanse eik, in 2004 verwijderd. In dit gebied vindt men dubbelloof en dalkruid. De rosse vleermuis en de zwarte specht komen er voor.

De video toont natuurlijk maar een deel van De Pals. Het natuurgebied is erg groot en zeer gevarieerd. Ik zal later nog wel in andere delen van het gebied opnames maken. Zo zijn er ook delen waar heidevelden het beeld vormt.

dinsdag 12 januari 2021

De Neterselse Heide in de winter

De winter van 2020 - 2021 is voorlopig nog een zachte, grijze winter. Veel vorstdagen hebben we nog niet gehad. Het afgelopen weekend was dat wel het geval. Gelukkig voor de natuur heeft het wel veel geregend. Geen zware plensbuien, maar wel met regelmaat. Dat zorgt er voor dat het water goed de grond in kan trekken. volgens de watermeetputten die Op de Neterselse Heide metingen verrichten, staat het waterpijl nu op 80 cm onder het maaiveld. Op een andere plaats, op 300 meter van de Groote Beerze is dat 1 meter onder het maaiveld. Dat het waterpijl erg wisseld per locatie is duidelijk als we er andere plaatsen bij nemen. Op de Landschotse Heide (Middelbeers) is dat al 1,5 meter, op Kampina (Oisterwijk - Boxtel) wisseld dat van 0,8 meter tot 1,5 meter onder het maaiveld.


De Neterselse Heide komt er dus nog goed vanaf. Ondanks dat het veel hoger ligt als de Kampina (24 meter boven NAP tegen 9 meter boven NAP, zijn er factoren die meer bepalend zijn dan de hoogte, zoals grondsoort, waterbeheer en de diepe ondergrond. In Brabant meten 112 peilbuizen constant de grondwatertoestand in Brabant. Per peillocatie vergelijken waterschappen de grondwaterstand met die van de afgelopen 10 jaar. Daaruit blijkt dat het de laatste 10 jaar veel droger is geworden. Met een herinrichting van natuurgebieden en beken wordt getracht het tij te keren. In de loop van dit jaar staat de herinrichting van het Dal van de Groote Beerze op het programma. Rechte stukken krijgen weer de oude meandering terug van voor de ruilverkaveling, die in de 70er jaren van de vorige eeuw plaats vond. Toen moest het water snel afgevoerd worden om de akkers droog te krijgen, zodat de boeren er met de tractoren op konden. Het klimaat is intussen zo veranderd dat de vele regen in de winter opgespaard moet worden om zo een buffer aan te leggen tegen de droge periode in de zomer. Ondiep verbreden van het breed tracé is de oplossing om waterberging te creëren. En dat gaat dan ook gebeuren bij de Groote Beerze.

De Neterselse Heide is gelegen ten noorden van Netersel en is 229 ha groot. Op de Neterselse Heide vindt men droge, maar vooral ook natte heide. Moeraswolfsklauw, beenbreek en klokjesgentiaan komen er voor, evenals witte snavelbies en zonnedauw. Van de vogels kunnen blauwe kiekendief, boomleeuwerik en roodborsttapuit worden genoemd. Een zeldzaam bostype is het dophei-berkenbroek. Dit bestaat uit open begroeiing van zachte berk op zure, voedselarme natte bodem. Het bos groeit traag en de bomen worden niet hoger dan 5 à 10 meter. De begroeiing bestaat uit dopheide, gagel, veenmossen en bulthaarmos. Op de natte zure en voedselarme bodems komt vegetatie van het Dopheideverbond voor. Karakteristieke soorten zijn hier Dopheide, Pijpestrootje, Trekrus, Veenbies en Veenpluis. Dit vegetatietype is vaak vergrast met Pijpestrootje.

Als gevolg van een verminderde toestroming van grondwater in Neterselse heide ontstaat verzuring. Deze ligt diep en heeft daardoor een ontwaterende werking. Zowel Mispeleindse en Neterselse Heide en Landschotse Heide grenzen aan landbouwgebied. Vooral de zuidelijke gelegen landbouwgebieden zijn van nature de wat hoger gelegen water voedingsgebieden. Door een combinatie van factoren (grondwaterstandsdaling, eutrofiëring, successie) zal heide vergrassen.

Als gevolg van een verminderde toestroming van grondwater in Neterselse heide ontstaat verzuring. Deze ligt diep en heeft daardoor een ontwaterende werking. Zowel Mispeleindse en Neterselse Heide en Landschotse Heide grenzen aan landbouwgebied. Vooral de zuidelijke gelegen landbouwgebieden zijn van nature de wat hoger gelegen water voedingsgebieden. Door een combinatie van factoren (grondwaterstandsdaling, eutrofiëring, successie) zal heide vergrassen.

maandag 11 januari 2021

Herstellen van de nestkasten is bijna klaar

Na elk broedseizoen moeten nestkasten schoongemaakt worden. Tussen het nestmateriaal zitten allerlei ongedierte die de gezondheid van de ouder vogels, maar ook de aankomende jonge vogeltjes kunnen schaden. Omdat de meeste soorten meerdere legsels per zomerseizoen hebben, kunt u het beste wachten tot het najaar. Zo voorkomt u dat u een laat legsel verstoort.


Ik borstel de kast eerst goed schoon, om het daarna te ontsmetten. Dat ontsmetten kan op diverse manieren. Ik kies er voor om met een gasbrander de binnenkant licht te verhitten. Zo dood je alle parasieten, waaronder Pissebedden en bloedluis. Hierdoor is er een grotere overlevingskans van de jongen in het komende seizoen. Je kunt er ook voor kiezen om erg heet water te gebruiken, eventueel met wat groene zeep. Gebruik geen chloor of andere agressieve reinigingsmiddelen. Deze laten schadelijke stoffen achter die later nog uit kunnen dampen.

Hang de nestkasten zo snel mogelijk weer terug. Ook al is het winter, of misschien wel, zeker in de winter. Vogels gebruiken de nestkasten in de winter als slaapplaats. Ze zitten daar veilig en zijn daar beschermt tegen de winterse kou. Omdat ze in de nestkast in die periode uitwerpselen achter kunnen laten, is het raadzaam om vroeg februari de bodem nog eens schoon te schrapen. Meer is dan niet meer nodig.

Ik heb de nestkasten dit jaar naar binnen genomen. Diverse delen van de kasten waren aan vervanging toe. Enkele delen waren zo nat geworden dat ze aan het rotten waren. Ook was het vlieggat bij twee kasten uitgehakt. Dat kan door een specht gedaan zijn, maar ook door andere, zoals een eekhoorn of een wezel. Het vlieggat mag niet groter zijn als nodig is om door het vlieggat te kunnen. Bij een Pimpelmees is dat 28 mm, bij een Koolmees en de Bonte vliegenvanger is dat 32 mm.

De Neterselse Heide in Winterse sferen

Eindelijk was het zover. Bij het ontwaken van de dag was het zaterdag 2 januari wit. Het had 's nachts 4 graden gevroren. Omdat de luchtvochtigheid 's nachts nog erg hoog was werden we 's morgens getrakteerd op een echt winters landschap, vooral omdat de zon zo fel op de ontstane rijp scheen.


De Neterselse Heide was mijn speeltuin tijdens mijn jeugd. Ik ben daar 1250 meter hemelsbreed vandaan geboren. Vanmorgen maakte ik met de mountainbike een rondje over een deel van dit natuurgebied. De opnames zijn gemaakt met een GoPro Hero 9, die voor op het frame was bevestigd.

De Neterselse Heide is in 2004 door de gemeente voor € 1 verkocht aan Brabants Landschap. Het gebied is gelegen ten noorden van Netersel en is 229 ha groot. Op de Neterselse Heide vindt men droge, maar vooral ook natte heide. Moeraswolfsklauw, beenbreek en klokjesgentiaan komen er voor, evenals witte snavelbies en zonnedauw. Van de vogels kunnen blauwe kiekendief, boomleeuwerik en roodborsttapuit worden genoemd. Een zeldzaam bostype is het dophei-berkenbroek. Dit bestaat uit open begroeiing van zachte berk op zure, voedselarme natte bodem. Het bos groeit traag en de bomen worden niet hoger dan 5 à 10 meter. De begroeiing bestaat uit dopheide, gagel, veenmossen en bulthaarmos. Op de natte zure en voedselarme bodems komt vegetatie van het Dopheideverbond voor. Karakteristieke soorten zijn hier Dopheide, Pijpestrootje, Trekrus, Veenbies en Veenpluis. Dit vegetatietype is vaak vergrast met Pijpestrootje.

Als gevolg van een verminderde toestroming van grondwater in Neterselse heide ontstaat verzuring. Deze ligt diep en heeft daardoor een ontwaterende werking. Zowel Mispeleindse en Neterselse Heide en Landschotse Heide grenzen aan landbouwgebied. Vooral de zuidelijke gelegen landbouwgebieden zijn van nature de wat hoger gelegen water voedingsgebieden. Door een combinatie van factoren (grondwaterstandsdaling, eutrofiëring, successie) zal heide vergrassen.

zaterdag 9 januari 2021

De Zwarte specht

De Zwarte specht kwam vorig broedseizoen onverwacht in beeld. Op een vroege ochtend hoorde ik de vlucht-roep van de Zwarte specht. Zwarte spechten laten zich het hele jaar door horen. Er zijn verschillende roepen. Zo is er een vlucht-roep, een contact-roep, een alarm-roep en een monotone lach (minder uitbundig dan bij Groene Specht). Op dat zelfde moment zag ik de specht overvliegen. Deze grote zwarte vogel vloog in de richting waar ik enkele dagen eerder een grote holte in een populier had gezien. Ik kon nog net zien dat de specht tegen die zelfde boom lande. Nadat ik mij zeer voorzichtig die richting had bewogen en mij met een camouflagedoek verborgen had, kon ik beginnen met de opnames.


De Zwarte specht is een geheimzinnige bosvogel met een teruggetrokken levenswijze. Kan elk jaar een nieuw nest uithakken in dikke loofbomen. Zo biedt de zwarte specht holten voor bosuilen, boommarters en vele andere soorten. Ze zijn schuw en vliegen snel weg zodra ze een mens waarnemen, of blijven uit het zicht aan de andere kant van de boom. De roffel van de zwarte specht is langzamer, langer en zwaarder dan de grote bonte specht, als een mitrailleur. Zwarte spechten komen in Nederland het meest voor in uitgestrekte naaldbossen, afgewisseld door beukenlanen en -percelen. Ze hakken hun nestholte vooral uit in dikke beuken. Zwarte spechten foerageren graag in jong naaldhout op mieren (vooral houtmieren) en eten ook larven van in dood hout levende kevers.

woensdag 6 januari 2021

De Grote bonte specht

Tijdens het broedseizoen van het vorige jaar filmde ik een koppel Grote bonte spechten die jonge kuikentjes in het nest hadden. Ze volgen onafgebroken op en af met rupsjes en insecten om hun hongerige nakomelingen te voeden.


De Grote bonte specht is de meest algemene specht van Nederland. Zowel mannetje als vrouwtje roffelt op takken met een korte snelle roffel om territorium en paarband te versterken. Grote bonte spechten hakken in bomen een nestholte uit met een rond gat. Ze hebben een voorkeur voor zachte houtsoorten, zoals berken. In tegenstelling tot wat zijn naam doet vermoeden is de grote bonte specht een relatief kleine spechtensoort. Een volwassen exemplaar meet doorgaans 20 tot 24 centimeter en weegt 60 tot 110 gram. De vleugelspanwijdte bedraagt 34 tot 39 centimeter. In tegenstelling tot wat zijn naam doet vermoeden is de grote bonte specht een relatief kleine spechtensoort.

Het uithakken van een nestholte duurt gemiddeld 14-25 dagen. Zowel het mannetje als het vrouwtje hakken de langwerpige holte uit. De nestopening is ongeveer 5,5 cm breed en die leidt naar een ronde nestholte die 20-30 cm diep ligt en zo’n 12-15 cm breed is. Hetzelfde gat wordt vaak meerdere jaren na elkaar gebruikt. In de nestholte worden de eieren gewoon op het hout gelegd. Eveneens wordt er gebruik gemaakt van nestkasten. Overigens worden veel nestkasten ook zwaar beschadigd door het hakken rond het vlieggat. Dit wordt ook gedaan om bij de jonge vogels en/of de eieren te komen die uit het nest worden geroofd.

dinsdag 5 januari 2021

Pimpelmees in de vrije natuur

De meeste van ons kennen de Pimpelmees als bezoeker in onze tuinen. Ze leggen hun eitjes in een nestkast die wij voor ze ophangen. Maar hoe doen de Pimpelmezen dat in de vrije natuur? Gedurende het broedseizoen van het afgelopen jaar kwam ik ze op drie verschillende plaatsen tegen, in drie verschillende situaties.


De Pimpelmees is de eerste in de video, koos de kern van een weggerotte boomstronk van een Els. De meesjes vliegen zo snel in en uit het nest dat ze bijna niet opvallen.

De tweede situatie toon het in en uitvliegen door een spleet die toegang geeft naar het nest in een dode Wilg. De meesjes hadden al jongen. Ze vlogen onophoudelijk op en neer om de hongerige jong in het nest te voeden met wormpjes. Bij het verlaten van het nest namen ze regelmatig de uitwerpselen van de jongen mee om zo het nest schoon te houden.

Bij de derde situatie wordt gebruik gemaakt van een holte onder aan een wilg waar de boombast van is kapot geraakt. Waarschijnlijk is tijdens het maaien met een trekker de boom geraakt en beschadigd. Ook hier vlogen de meesjes onophoudelijk heen en neer om de hongerige jong in het nest te voeden met wormpjes. Bij het verlaten van het nest namen ze regelmatig de uitwerpselen van de jongen mee om zo het nest schoon te houden. Het nest zat verstopt onder in een uitgerot stuk boomschors van een zomereik.

zondag 3 januari 2021

De Middelste bonte specht

Een van mijn mooiste video-opnames die ik in 2020 maakte was die van de Middelste bonte specht (hiervan een korte video). De Middelste bonte specht kon ik volgen vanaf het uithakken van het nest, tot en met het uitvliegen van de jonge vogeltjes. Ik kijk er dan ook weer uit naar het komende broedseizoen. Ik ben benieuwd wat 2021 zal brengen. Ik heb intussen weer een paar plekken ontdekt waar spechten waarschijnlijk gaan nestelen. Onder andere een plaats waar, zo lijkt het althans, een Groene specht een nieuwe holte uit aan het hakken is gegaan.


De laatste twee jaren herpakten de Middelste bonte spechten zich. Er werden 295 territoria in kaart gebracht, waarvan liefst 140 in de omgeving van het Twentse Losser. Zo'n jaar of tien kwamen ze in heel Nederland voor, en toen waren we al euforisch over dat aantal. Daarna is het aantal afgenomen, maar de laatste jaren zijn de aantallen en het verspreidingsgebied weer toegenomen. Twente telt nog altijd de meeste Middelste bonte spechten, maar in zuid- en zuidoost Brabant, en Limburg (vooral zuid Limburg) worden ze ook meer gezien. In de stilte van het bos hoor je het luidruchtige 'biek-biek-biek', de roep van de Middelste Bonte Specht. Het klinkt net wat scheller en ketsender dan vergelijkbare agitatie-roepjes van de Grote Bonte Specht.

In het grootste deel van de twintigste eeuw was de Middelste Bonte Specht een zeldzaamheid. Van de negen broedgevallen tot en met 1995 stammen de meeste uit Twente (rond 1960). Vanaf 1996 nestelt de soort jaarlijks in het land, in sterk toenemende aantallen. Na de eeuwwisseling steeg het aantal vlot van enkele tientallen naar vele honderden broedparen. De verspreiding bleef aanvankelijk beperkt tot Zuid-Limburg, gevolgd door Twente, de Achterhoek, het Rijk van Nijmegen en Noord-Brabant. De soort rukt nog steeds verder naar het noordwesten op. Deze expansie past binnen een uitbreidingsgolf die ook in Duitsland en België opviel. Hij werd bevorderd door het ouder worden van bos en extensiever bosbeheer, met een grotere tolerantie van dood of stervend hout.