Levendbarende hagedissen warmen op in de zon, een essentieel gedrag voor deze koudbloedige reptielsoort. Door te zonnebaden verhogen ze hun lichaamstemperatuur, wat noodzakelijk is om hun stofwisseling te stimuleren, efficiënt te kunnen jagen en snel te kunnen vluchten voor vijanden.
De Levendbarende hagedis warmt op in de zon🎤
Ze zoeken 's ochtends zonnige plekken op, zoals rotsen, dode takken, palen of op open plekken langs bosranden en op heidevelden. Om de warmte van de zon en de ondergrond optimaal te absorberen spreiden ze hun lichaam om zo meer zonnewarmte op te vangen. Omdat ze koudbloedig zijn moeten ze zich 's ochtends eerst opwarmen en zijn ze afhankelijk van deze externe warmtebronnen. Naast opwarming is zonnebaden belangrijk voor de spijsvertering en de aanmaak van vitamine D.
Levendbarende hagedissen zijn erg schuw en zonnebaden vaak in de buurt van schuilplaatsen om snel weg te kunnen duiken. De soort is ei-levendbarend, de jonge dieren bevrijden zich direct na de eiafzet uit hun vliezige schaal. Vrouwtjes zonnebaden in de zomer dan ook intensief omdat ze hun eieren in hun lichaam uitbroeden voordat ze levende jongen ter wereld brengen. De paartijd begint onmiddellijk na het tevoorschijn komen van de vrouwtjes en duurt ruim een maand, tot en met half mei.
De levendbarende hagedis is onze kleinste maar tevens succesvolste reptiel. De soort onderscheidt zich van de andere inheemse hagedissen door de zwaar gekielde schubben en een eenvoudige bruinige kleur zonder echt opvallende tekening of patroon. Wel is er altijd een aanzet tot een donkere rugstreep aanwezig. De soort komt vooral voor op de hoger gelegen zandgronden in het oosten, midden en zuiden van Nederland.
De levendbarende hagedis is met enige moeite goed van de andere inheemse hagedissen te onderscheiden. De muurhagedis lijkt nog het meeste op de levendbarende hagedis, maar is slanker gebouwd en heeft langere poten en tenen en een meer afgeplatte en spitser toelopende kop.