zondag 1 november 2020

Paarse Knoopzwam op een wilg boomstronk

Vanmorgen zag ik op de bovenkant van een treurwilgen boomstronk mooie trilzwammetjes staan die je doet denken aan hersenen. Het zwammetje is een Paarse knoopzwam.

De ongeslachtelijke fase (anamorf) van de Paarse knoopzwam

De Paarse Knoopzwam (Ascocoryne sarcoides) is een algemene paddenstoel die op dood loof- en naaldhout voorkomt. De Paarse Knoopzwam wordt meestal gevonden in het imperfecte stadium, waarbij de vruchtlichamen knop- tot kussenvormig gevormd zijn. In het perfecte stadium zijn deze schijf- tot tolvormig gevormd. De vorm sluit de gelijkende Zakjestrilzwam ( Ascotremella faginea ) uit, welke hersenvormig is. De kleur is vleeskleurig tot donkerpaars. De Paarse Knoopzwam is donkerder gekleurd dan de gelijkende Roze Knoopzwam( Neobulgaria pura ) welke (licht)roze tot licht vleeskleurig is.


Vruchtlichaam aanvankelijk vormloos klonterig, lijkend op een hersenenbrei, is de ongeslachtelijke fase, later beker- of schijfvormig. Gelatineachtig, met paarsrode of wijnrode kleur. Buitenzijde droog fijn witkleiig, violetroze. Steel hooguit rudimentair aanwezig. De wetenschappelijke genusnaam Ascocoryne is afgeleid van het voorvoegsel asco- en het Griekse woord koroonee, dat "haakje" of "ring" betekent. De sporen van de knoopzwam worden gevormd in asci, bovenop het ringvormige vruchtlichaam. De soortnaam sarcoides betekent "op vlees gelijkend". Er komen in Nederland twee nauw verwante soorten voor: Ascocoryne sarcoides en Ascocoryne cylichnium, die alleen op grond van de grootte van de sporen, dus door microscopisch onderzoek, kunnen worden onderscheiden.

De ongeslachtelijke fase (het anamorfe of imperfecte stadium) van een schimmel, die bij ascomyceten voorkomt. Teleomorf is de geslachtelijke fase van de schimmel. Gezien teleomorf en anamorf uiterlijk op geen enkele wijze op elkaar lijken was het tot ver in de 20e eeuw vaak niet mogelijk een koppeling te zien tussen de beide stadia. Dit heeft tot de vreemde, maar tot vandaag taxonomisch geaccepteerde situatie geleid dat twee verschillende levensstadia van een en dezelfde schimmel in verschillende 'soorten' ingedeeld werden en daarmee ook verschillende namen kregen.