dinsdag 20 augustus 2024

Vogelkijkplatform aan De Brakeleer, Arendonk

Het uitkijkplatform aan de Hoge Mierdse heide in Arendonk geeft uitzicht op De Brakeleer en de Brakeleersloop. De Brakeleer is een natuurven dichtbij Landschap De Liereman. De Liereman strekt zich uit over het grondgenbied van Oud Turnhout en Arendonk. Hier worden gedurende de trekvogel tellingen gehouden. In de vroege morgen tellen de vrijwilligers de vogels die in de directe nabijheid overtrekken. In de late avond wordt de nogmaals geteld.


Het vogelkijkplatfrom wordt gedurende de vogeltrek gebruikt voor de trekvogel tellingen.

Vogeltrek tellen is het systematisch tellen van voorbijtrekkende vogels vanaf een vast punt: een telpost. Het vindt in Nederland en elders in Europa al tientallen jaren plaats. Trekpatronen, invasies en reacties op bijzonder weer (bijvoorbeeld invallende vorst) worden het snelste via deze tellingen opgemerkt. De tellingen worden ondermeer doorgegeven aan Trektellen.nl.


De werkgroep trekvogel tellingen komen gedurende de vogeltrekperiode meermaals per week samen om de trek te monitoren.


Locatie: Houten vogelkijkplatform op het Arendonkse deel nabij De Liereman.

zondag 18 augustus 2024

Nieuwe vogelkijkhut 'How ut Moi' Soerendonk

Vogelaars kunnen weer ongezien observeren in nieuwe hut in Soerendonks Goor. Vogelkijkhut 'How ut Moi' aan Het Goor in het Brabantse Soerendonk is gelegen aan een natuurven waar vaak eenden en reigers op te zien zijn is in opdracht van Staatsbosbeheer geheel vernieuwd. De hut heeft geen achterzijde. Dat is om te voorkomen dat er hangjeugd in komt. Voor de hut is ook een bankje waar u uw telescoop of fotocamera op kunt zetten. De grote zilverreiger wordt hier met enige regelmaat waargenomen.
Deze post vindt u ook op mijn Vogelkijkhutten blog.



'How ut Moi' oftewel, "Houdt het mooi"

Elke wandelaar en fietser die vaak in natuurgebied ’t Goor, Soerendonk komt zal opgevallen zijn dat er grote metamorfose plaatsvindt nabij het ven aan Het Kranenveld. Het reservaat bestaat uit een grote waterplas met aansluitend een moerassig gebied, dat wordt doorstroomd door de Naaste Aa, die stroomafwaarts overgaat in de Strijper Aa. De plas is rijk aan watervogels, die kunnen worden waargenomen vanuit een vogelkijkhut. Het Soerendonks Goor sluit in het westen aan op de Groote Heide en in het zuiden op de Gastelse Heide.

Tijdens de vogeltrek zijn er regelmatig kleine zwanen en wilde zwanen te zien. Langs het zandpad, die achter de plas door loopt, zitten vaak vele barmsijzen. Aan de andere kant sluit het Goor aan op de Groote Heide en de Gastelse Heide waar typische heidevogels verblijven en mogelijk ook de gekraagde roodstaart, paapje of beflijster. Het Goor bestaat overwegend uit elzen en berkenbroekbos, met kleinere oppervlakten rietmoeras, struweel en ruigte bij de waterplassen. De paden zijn doorgaans goed te bewandelen. Wel kunnen er een paar zeer drassige stukken tussen zitten. Laarzen zijn daarom zeer aan te bevelen.


Waarom heet deze vogelkijkhut aan Het Goor nu 'How ut Moi'. Vanuit het Brabants dialect is de boodschap duidelijk; 'Houdt het mooi'. Maar dat lijkt vanzelfsprekend.


De reden tot hernieuwen kwam naar aanleiding van de nieuwe ontwikkelingen en biotopen rondom en in de buurt van het vogelmeer. Zoals de slenk met voedselarm en heldere water, ten gunste van de kranswieren, die pal voor de hut is aangelegd met daartussen een kade die het voedselrijke meer, zoals we die al jaren kennen, van elkaar scheidt. Omdat de hut op een ander uitkijkpunt zou worden geplaatst, is er zelfs nog overwogen om deze in zijn geheel te verplaatsen maar de door moeder natuur aangetaste staat van de 25 jaar oude ‘How ut Moi’ hut, simpelweg door slijt op materialen en soms door vernieling, was onhaalbaar en is besloten een volledig nieuwe te bouwen.

Wat als eerste opvalt is de open ingang gezien vanaf de straatkant met als uitgangspunt om sociale controle te creëren en het respect voor natuur en materialen te behouden. De hut is gebouwd met hout van Douglassparren uit het Leenderbos, is ook wat verder naar het water toe verplaatst en voorzien van een open en houten hekwerk tegen de hut aan, want betekent dat er niet meer zoals voorheen vóór de hut plaatsgenomen en gespot kan worden. Aan de voor- en zijkanten zijn kijkopeningen op verschillende hoogtes aangebracht en voorzien van zelfbedienbare luiken met opzetdelen voor extra benodigdheden. In het midden staat een zeer stevig verankerde bank op een dikke laag organisch grit.


Locatie: Kijkhut 'How ut Moi', aan het Kranenveld even buiten Soerendonk.

zaterdag 10 augustus 2024

Tilburg: Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang

De uitkijktoren "De Nieuwe Herdgang" in Moerenburg ingeklemd tussen de A65 en de A58 is sinds december 2021 geopend voor bezoekers. Vanaf de toren kijk je over het natuurgebied Moerenburg en Koningshoeven. Vanaf de maar liefst 25 meter hoge uitkijktoren met z'n 223 traptreden kijk je uit over het prachtige natuurgebied Moerenburg en Koningshoeven. De twee trappen omhoog zijn zo gebouwd dat ze de krachten van buitenaf kunnen opvangen. De toren staat op het grondgebied van Berkel-Enschot, gemeente Tilburg. Met een krap bouwbudget (€275.000 incl. honoraria) en een bouwplaats die alleen via een smal tunneltje bereikbaar was, was het maken van een iconisch object op deze plek een uitdaging.
Deze post vindt u ook op mijn Vogelkijkhutten blog.



Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang ingeklemd tussen de A65 en de A58

Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang is een verrassend icoon in een evenzo verrassende omgeving. Zo kun je deze uitkijktoren het beste omschrijven. De toren ligt namelijk midden in het landschapspark Moerenburg-Koningshoeven dat de stad Tilburg met het Brabantse landschap verbindt. Tegelijkertijd is het ook omgeven door verschillende (snel)wegen. De 25 meter hoge uitkijktoren, eigenlijk een enorm driehoekig sculptuur, ziet er vanaf elk punt anders uit. De driehoek is een historisch element in het landschap dat Tilburg omringt. De plek waar drie wegen bij elkaar kwamen, was ook de plek waar herders hun vee verzamelden. Vandaar de naam "De Herdgang". Dit was eeuwen geleden het beginpunt van nieuwe nederzettingen, vandaag de dag nog terug te zien in de vele driehoekige pleinen in de binnenstad van Tilburg. Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang is een verwijzing naar die eerste nederzettingen. Herdgang of heerdgang was de dagelijkse rondgang van een kudde onder leiding van de herder over de 'gemene' gronden (gedeelde graslanden, heide of bossen). Het oude woord "heerd" betekent niet alleen 'kudde' maar ook 'herder'.


Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang Tilburg Moerenbrug

De toegang is 1,50 euro. Dit kan alleen met de pinpas betaald worden. Vanmorgen kon ik de toren gratis gratis beklimmen. De betaalautomaat was defect en de draaipoort was van het slot gehaald. De uitkijktoren is toegankelijk via een tourniquet. Een tourniquet is hetzelfde als een draaihek of een tourniquet draaideur. Zo'n poort laat steeds maar één persoon tegelijk door. Steeds meer nieuwe uitkijktorens zijn enkel tegen betaling te betreden. Eigenlijk niet meer dan normaal, als je ziet wat voor materialen en werk aan de bouw van zulke enorme bouwwerken wordt besteed. Voor niets gaat de zon op. Het overige heeft een prijs. Er geldt een maximum van 30 personen op de toren, zodat iedereen in alle rust kan genieten. En rust is waar je eenmaal boven ook aan toe bent. Als je na de steile beklimming boven bent aangekomen, wil je wel even op adem komen. Voor ongetrainde en oudere mensen is de beklimming een uitdaging. Na zonsondergang is de toren afgesloten.


Ontwerper van deze toren is de in Tilburg opgegroeide Nina Aalbers. In 2017 reageerde ze op een oproep van de gemeente Tilburg aan beginnende architecten, ontwerpers en kunstenaars om een nieuwe uitkijktoren op deze plek te ontwerpen. In eerste instantie had een ander ontwerp de wedstrijd gewonnen, maar die bleek qua constructie onuitvoerbaar. Dit ontwerp haalde bijna evenveel stemmen, waardoor ontwerper Nina Aalbers de wedstrijd vervolgens won. De stalen toren staat op een groene heuvel waardoor het als het ware boven het landschap zweeft en is omkleed met de duurzame houtsoort Accoya. Eenmaal boven heb je onder meer een fenomenaal uitzicht over de skyline van Tilburg en de Abdij van Koningshoeven; een van de twee trappistenkloosters van Nederland.

De Nieuwe Herdgang ligt opgesloten tussen de snelwegen A65 en A58, ter hoogte van knooppunt De Baars. Vanuit het centrum van Tilburg fiets je er in een klein kwartiertje naartoe. Te voet geniet je zo’n drie kwartier van een mooie wandeling langs natuurgebied Moerenburg en het Wilheminakanaal. De driehoekige vorm refereert naar de historische herdgang: een driehoekige kruising waar herders vee verzamelden en nederzettingen stichtten. Deze landschappelijke typologie is vertaald in een iconische sculptuur die er vanaf elk punt op de snelweg anders uitziet.


Moerenburg heeft de status van landschapspark. Verdere woningbouw is er niet toegestaan. In de toekomst wordt het deel van een grote aaneenschakeling van natuurgebieden: het binnen de stedendriehoek Tilburg, 's-Hertogenbosch en Eindhoven liggende Nationaal Landschap Het Groene Woud. Een in 1989 opgerichte groep, genaamd Werkgroep Behoud Moerenburg, draagt bij aan het reilen en zeilen van het natuurgebied. Tot ongeveer 2006 was het, zoals uit de naam al blijkt, vooral een actiegroep voor behoud van landschapswaarden, maar sinds de werkgroep de gemeente aan haar zijde heeft gevonden, richt men zich meer op evenementen die het gebied bekend moeten maken bij de Tilburgse bevolking.

Moerenburg bevat tal van kenmerken die het gebied speciaal maken. Van de bijna 1200 planten- en diersoorten die er te vinden zijn, zijn er verschillende uniek voor Noord-Brabant, zoals de bessenvuurzwam of zelfs voor Nederland, zoals een variant van de kussentjeszwam.


Locatie: Uitkijktoren "De Nieuwe Herdgang" op de rand van het grondgebied van Berkel-Enschot

vrijdag 9 augustus 2024

Uitkijktoren Straalmolen in Balen-Olmen

Per toeval kwam ik bij deze kijktoren. Ik was met de fiets naar de brug over de Grote Neten gereden, waar een oude watermolen nog steeds operationeel is. Het lijkt ietswat vervallen, maar daar wil de molenaar niets van weten. Tijdens het gesprek met Toon Druyts, de zoon van molenaar Jef Druyts is de Straalmolen en de winkel(schuur) aan de overkant van de Watermolenweg en Straal wel ouderwets, maar nog volledig in bedrijf. Toen hij mij vertelde dat achter de schuur een vogel uitkijktoren van Natuur en Bos staat, had hij mij volledige aandacht. Hieronder informatie over de toren en de Straalmolen.
Deze post vindt u ook op mijn Vogelkijkhutten blog.



De kijktoren biedt uitzicht over de vallei van de Grote Nete

Natuurgebied Straalmolen is 17 hectare groot en ligt in de gemeente Balen. Het is een gevarieerd gebied in de vallei van de Grote Nete. Het bestaat uit grote waterpartijen, broekbossen en permanent historische graslanden. De voormalige viskweekvijvers zijn ingericht als vogelgebied. Op deze manier proberen we vogels de kans te geven om te broeden, te recupereren tijdens de vogeltrek en te overwinteren in alle rust. Daarvoor is de Straalmolen ook ontoegankelijk zodat er zo weinig mogelijk verstoring is. Om bezoekers toch te laten genieten van de natuur en de vogels is er een kijktoren. Door de aanleg van de vistrap hebben vissen de kans gekregen om te migreren naar de stroomopwaarts gelegen delen van de Grote Nete om te paaien en kuit te schieten.


De voormalige viskweekvijvers zijn door Natuur en Bos ingericht als vogelgebied. Zo willen we vogels de kans te geven om te broeden, te recupereren tijdens de vogeltrek en te overwinteren in alle rust. Er zijn enkele kunstmatige nestgelegenheden aangelegd in de dijken voor de oeverzwaluw en de ijsvogel. Vogels die er nu al broeden zijn waterral, dodaars, fuut, tafeleend, krakeend, wilde eend, knobbelzwaan, grasmus, blauwborst, bosrietzanger, kleine karekiet, ijsvogel, rietgors, grote gele kwikstaart, …. Op termijn hopen we de roerdomp te verwelkomen als broedvogel. Ook kun je blauwe reiger, ooievaar, purperreiger en roerdomp op zoek naar voedsel spotten.


Om de vogels de nodige rust te geven, is het gebied niet toegankelijk. Je kunt ze wel goed observeren met een verrekijker vanaf de kijktoren. Door de aanleg van de vistrap hebben vissen de kans gekregen om te migreren naar de stroomopwaarts gelegen delen van de Grote Nete om te paaien en kuit te schieten. De kwabaal plant zich intussen voort in de poelen die aangelegd werden in de vistrap van de Straalmolen. Samen met poelen langs de Asbeek zijn dit de twee enige locaties in Vlaanderen waar de kwabaal zich weer voortplant in de vrije natuur. De vispassage aan de Straalmolen maakt deel uit van het plan om tegen 2022 vismigratie te herstellen in de volledige Grote Nete.


Straalmolen aan de grote Nete
De Straalmolen in Olmen (Balen) ging in 2022 over van vader op zoon. Na veertig jaar gaat molenaar Jef Druyts met pensioen en draagt hij de watermolen met waterkrachtturbine en de winkel over aan zijn zoon Toon. De Straalmolen is een unieke watermolen langs de Grote Nete in Olmen die nog altijd dienstdoet voor het malen en pletten van graan. De molen produceert onder meer bakmeel en veevoeder. De geschiedenis van deze molen gaat terug tot in de jaren 1300. Tot 1934 was de molen een houten constructie met een houten onderslagrad. Toen werd de molen verbouwd tot een volledig stenen gebouw met een turbine op waterkracht onder de molen. Aangezien de turbine zich in de kelder bevindt, is ze daarom niet zichtbaar aan de buitenkant.


De begroeiing aan de Grote Nete is wat uit de hand gelopen.

De Straalmolen aan de Watermolenweg 2 in Olmen is maandag, dinsdag, woensdag en vrijdag open van 09:00 uur tot 12:00 uur en van 13:00 uur tot 18:00 uur. Zaterdag is hij geopend tot 15:00 uur. Sluitingsdagen zijn donderdag en zondag.