Bergeenden zijn oorspronkelijk kustvogels, maar kunnen zich ook op natuurvennen bevinden. Ze hebben hun broedgebied vanaf 1970 landinwaarts uitgebreid, waar ze zich vestigen in diverse waterrijke gebieden, waaronder natuurvennen en nieuwe natuurgebieden. Natuurvennen kunnen een geschikte nestplaats en rustpunt zijn voor bergeenden.
De bergeend is een holenbroeder die oorspronkelijk in konijnenholen broedde langs de kust. Tegenwoordig broeden ze ook in holtes, holle bomen, of verlaten beverburchten in het binnenland.
Het is mogelijk om bergeenden te zien in gebieden met natuurvennen, zoals het Beleven in Reusel of de Landschotse Heide in Middelbeers, die bekend staan om hun rijke vogelpopulaties.
zaterdag 27 december 2025
woensdag 24 december 2025
Vogels beschermen in 2025
In deze tijd van het jaar is het een goed gebruik om terug te blikken. Politiek gezien was het afgelopen jaar geen feest voor de vogels, of de natuur in het algemeen. Leiderschap bleef uit als het gaat om herstelmaatregelen; niet alleen in Nederland. In de samenleving daarentegen zagen we wél veel hartverwarmende en hoopgevende initiatieven om vogels te beschermen. Bron: vogelbescherming.nl

De Torenvalk werd door Vogelbescherming Nederland en Sovon uitgeroepen tot 'Jaar van de Torenvalk 2025'.
Het was ingecalculeerd gezien de politieke wind in Nederland, de VS en op veel andere plekken in de wereld. De problemen van vogels, natuur en klimaat zouden in 2025 niet bovenaan de lijstjes staan om op te lossen. We zouden de bladzijde van het afgelopen jaar dus graag snel omslaan, maar voordat we dat doen, noemen we twee schrijnende voorbeelden.
1. In ‘Den Haag’ én de EU leken op veel momenten de zakelijke belangen van de agro-industrie op één te staan. Terwijl juist in het landelijk gebied vogels en natuur het nakijken hebben. Op het platteland bevindt zich de grootste concentratie van vogels op de Rode Lijst. Denk aan soorten zoals grutto, veldleeuwerik, patrijs en ga zo maar door. Vaak onder het mom van vereenvoudigen van regels – wie kan daar nu tegen zijn? – worden er felle pogingen ondernomen om de bescherming van vogels en natuur af te zwakken en krijgen de kleinschaliger producerende boeren niet de steun die nodig is.
2. Verbijsterend was ook te merken dat het smelten van de ijskappen – als gevolg van de opwarming van de aarde – tegenwoordig als een business opportunity geldt. Kunnen we als mensen op nog meer plekken mijnbouw in gang zetten. Het boeit dan te weinig dat de miljoenen trekvogels die van de Waddenzee gebruik maken, niks meer te eten kunnen vinden, omdat de wadplaten niet meer droogvallen door het gestegen waterpeil. En ergens anders naartoe vliegen kunnen ze niet, want er is geen ergens anders. Het Waddengebied is uniek door karakter en ligging.
We kunnen nog doorgaan. Maar juist tijdens de donkere winterdagen richten we het vergrootglas hier veel liever op wat wél goed ging in 2025. Waar mensen en organisaties keuzes maakten ten gunste van de vogels, de natuur en de planeet. We zouden er een hele lange lijst van kunnen publiceren, maar beperken ons hier tot een keuze uit programma’s en projecten waar Vogelbescherming bij betrokken was het afgelopen jaar.
Klimaatbuffers: vogelrijke natuur
Bijzonder hoopgevend is dat het fenomeen van de ‘natuurlijke klimaatbuffers’ vaste voet aan de grond heeft gekregen in Nederland. Het zijn ware magneten gebleken voor (moeras)vogels. Vogelbescherming was nauw betrokken bij de start vijftien jaar geleden. In 2025 werd de samenwerking in de coalitie natuurlijke klimaatbuffers formeel na 15 jaar afgesloten. En met een resultaat om trots op te zijn. Nederland kreeg er op zo’n 200 plekken bijna 100.000 hectare nieuwe of herstelde natuur bij. Deze natuurgebieden dempen tegelijk ook wateroverlast, slaan koolstof op én maken het landschap gewoon mooier. Het succesvolle gedachtegoed van dit ‘dubbelgebruik’ krijgt nu een vervolg in het kader van NL2120, een publiek-private samenwerking waarbij veel partijen betrokken zijn.
Groene bondgenoten
Iedereen kan wat doen voor vogels. Denk aan een protestactie ondersteunen, inheemse biologisch geteelde planten in de tuin zetten of lid worden van Vogelbescherming. Sommige mensen gaan nog een stap verder en zetten zich in hun vrije tijd als vrijwilliger in voor vogels en natuur. Sinds een aantal jaar werkt Vogelbescherming met andere groene vrijwilligersorganisaties samen onder de noemer Groene Bondgenoten. Ons doel is de vrijwilligers met elkaar in contact te brengen en te ondersteunen met kennis om gezamenlijk te werken aan het weer terugkrijgen van een basiskwaliteit natuur in onze directe leefomgeving. Dat is hard nodig, want ook algemene soorten, zoals huismus, merel en spreeuw, hebben het moeilijk in ons land. In 2025 werd een belangrijke online tool gepresenteerd, de SoortenKijker waarmee iedereen kan zien of die basiskwaliteit natuur in haar/zijn omgeving aanwezig is, of dat actie nodig is.
Steun voor nestgelegenheid
In 2025 wisten we razendsnel 52.000 handtekeningen bij elkaar te krijgen om aan Mona Keijzer te overhandigen die een al genomen besluit van haar voorganger op de valreep terugdraaide. Bij nieuwbouw en grootschalige renovatie komen dankzij de BBB-minister vooralsnog geen standaard nestvoorzieningen voor huismus en gierzwaluw.
Triest, maar dat we in zo korte tijd zoveel steun van vele bezorgde burgers kregen, vonden we hoopgevend. Net als de Kamermeerderheid en de vele bedrijven die zich achter het plan hadden geschaard. Bouwbedrijven en projectontwikkelaars waren het met ons eens. We bereikten helaas niet dat Keijzer terugkrabbelde, wel komen zulke nestvoorzieningen nu standaard in ‘utilitaire gebouwen’; nog duidelijk moet worden welke dat zijn. We blijven ondertussen natuurlijk strijden voor de oorspronkelijke maatregel en hebben door die massale steun de hoop dat het goed gaat komen.
Trekvogels beschermen
Trekvogels verdienen bescherming op hun broedplekken, onderweg tijdens hun reizen over de aardbol én op de plekken waar ze overwinteren. Alleen daarom al werkt Vogelbescherming internationaal en zijn we onderdeel van BirdLife International, dat actief is in 120 landen. Omdat de aarde groot is, concentreren we ons werk vooral op de vogeltrekroute waar Nederland ook aan ligt, de Oost-Atlantische trekroute. In 2025 konden we dankzij een nalatenschap en de Nationale Postcode Loterij een project beginnen in vier West-Afrikaanse landen om de grutto daar beter te beschermen.
Soorten gered
Wat ook optimistisch stemt, is hoe wij samen met vrijwilligers, terreinbeheerders, onderzoekers en vele andere partijen een trendbreuk konden realiseren in de aantallen van vogels waar het heel lang heel slecht ging. Denk bijvoorbeeld aan de vogels die op het strand broeden of de grote karekiet. We hebben mensen in beweging gekregen om te helpen beschermen, fondsen geworven, onderzoek gestimuleerd, samenwerkingsverbanden gesmeed, pilots uitgevoerd en kennis toegankelijk gemaakt. Zo voorkwamen we bijna gegarandeerd verdwijnen, of een bestaan de marge van deze soorten. Er moet nog echt wat gebeuren om van gezonde populaties te spreken, maar de kennis om dat te bewerkstelligen is er nu grotendeels. Dat is iets waar we trots op zijn.
Vogelbescherming Nederland:
"Rest ons hier nog aandacht te vragen voor iedereen die zich ook in 2025 heeft ingezet voor vogels, niet in de laatste plaats onze ongeveer 150.000 leden. We vinden het een eer om samen met jullie op te trekken en op die manier vol te kunnen houden. Vasthoudendheid werkt dan ook goed, zo bleek in het verleden keer op keer. En als het tegenzit, hebben we elkaar om met nieuwe oplossingen voor de dag te komen. Dank!Rest ons hier nog aandacht te vragen voor iedereen die zich ook in 2025 heeft ingezet voor vogels, niet in de laatste plaats onze ongeveer 150.000 leden. We vinden het een eer om samen met jullie op te trekken en op die manier vol te kunnen houden. Vasthoudendheid werkt dan ook goed, zo bleek in het verleden keer op keer. En als het tegenzit, hebben we elkaar om met nieuwe oplossingen voor de dag te komen. Dank!"
De Torenvalk werd door Vogelbescherming Nederland en Sovon uitgeroepen tot 'Jaar van de Torenvalk 2025'.
Het was ingecalculeerd gezien de politieke wind in Nederland, de VS en op veel andere plekken in de wereld. De problemen van vogels, natuur en klimaat zouden in 2025 niet bovenaan de lijstjes staan om op te lossen. We zouden de bladzijde van het afgelopen jaar dus graag snel omslaan, maar voordat we dat doen, noemen we twee schrijnende voorbeelden.
1. In ‘Den Haag’ én de EU leken op veel momenten de zakelijke belangen van de agro-industrie op één te staan. Terwijl juist in het landelijk gebied vogels en natuur het nakijken hebben. Op het platteland bevindt zich de grootste concentratie van vogels op de Rode Lijst. Denk aan soorten zoals grutto, veldleeuwerik, patrijs en ga zo maar door. Vaak onder het mom van vereenvoudigen van regels – wie kan daar nu tegen zijn? – worden er felle pogingen ondernomen om de bescherming van vogels en natuur af te zwakken en krijgen de kleinschaliger producerende boeren niet de steun die nodig is.
2. Verbijsterend was ook te merken dat het smelten van de ijskappen – als gevolg van de opwarming van de aarde – tegenwoordig als een business opportunity geldt. Kunnen we als mensen op nog meer plekken mijnbouw in gang zetten. Het boeit dan te weinig dat de miljoenen trekvogels die van de Waddenzee gebruik maken, niks meer te eten kunnen vinden, omdat de wadplaten niet meer droogvallen door het gestegen waterpeil. En ergens anders naartoe vliegen kunnen ze niet, want er is geen ergens anders. Het Waddengebied is uniek door karakter en ligging.
We kunnen nog doorgaan. Maar juist tijdens de donkere winterdagen richten we het vergrootglas hier veel liever op wat wél goed ging in 2025. Waar mensen en organisaties keuzes maakten ten gunste van de vogels, de natuur en de planeet. We zouden er een hele lange lijst van kunnen publiceren, maar beperken ons hier tot een keuze uit programma’s en projecten waar Vogelbescherming bij betrokken was het afgelopen jaar.
Klimaatbuffers: vogelrijke natuur
Bijzonder hoopgevend is dat het fenomeen van de ‘natuurlijke klimaatbuffers’ vaste voet aan de grond heeft gekregen in Nederland. Het zijn ware magneten gebleken voor (moeras)vogels. Vogelbescherming was nauw betrokken bij de start vijftien jaar geleden. In 2025 werd de samenwerking in de coalitie natuurlijke klimaatbuffers formeel na 15 jaar afgesloten. En met een resultaat om trots op te zijn. Nederland kreeg er op zo’n 200 plekken bijna 100.000 hectare nieuwe of herstelde natuur bij. Deze natuurgebieden dempen tegelijk ook wateroverlast, slaan koolstof op én maken het landschap gewoon mooier. Het succesvolle gedachtegoed van dit ‘dubbelgebruik’ krijgt nu een vervolg in het kader van NL2120, een publiek-private samenwerking waarbij veel partijen betrokken zijn.
Groene bondgenoten
Iedereen kan wat doen voor vogels. Denk aan een protestactie ondersteunen, inheemse biologisch geteelde planten in de tuin zetten of lid worden van Vogelbescherming. Sommige mensen gaan nog een stap verder en zetten zich in hun vrije tijd als vrijwilliger in voor vogels en natuur. Sinds een aantal jaar werkt Vogelbescherming met andere groene vrijwilligersorganisaties samen onder de noemer Groene Bondgenoten. Ons doel is de vrijwilligers met elkaar in contact te brengen en te ondersteunen met kennis om gezamenlijk te werken aan het weer terugkrijgen van een basiskwaliteit natuur in onze directe leefomgeving. Dat is hard nodig, want ook algemene soorten, zoals huismus, merel en spreeuw, hebben het moeilijk in ons land. In 2025 werd een belangrijke online tool gepresenteerd, de SoortenKijker waarmee iedereen kan zien of die basiskwaliteit natuur in haar/zijn omgeving aanwezig is, of dat actie nodig is.
Steun voor nestgelegenheid
In 2025 wisten we razendsnel 52.000 handtekeningen bij elkaar te krijgen om aan Mona Keijzer te overhandigen die een al genomen besluit van haar voorganger op de valreep terugdraaide. Bij nieuwbouw en grootschalige renovatie komen dankzij de BBB-minister vooralsnog geen standaard nestvoorzieningen voor huismus en gierzwaluw.
Triest, maar dat we in zo korte tijd zoveel steun van vele bezorgde burgers kregen, vonden we hoopgevend. Net als de Kamermeerderheid en de vele bedrijven die zich achter het plan hadden geschaard. Bouwbedrijven en projectontwikkelaars waren het met ons eens. We bereikten helaas niet dat Keijzer terugkrabbelde, wel komen zulke nestvoorzieningen nu standaard in ‘utilitaire gebouwen’; nog duidelijk moet worden welke dat zijn. We blijven ondertussen natuurlijk strijden voor de oorspronkelijke maatregel en hebben door die massale steun de hoop dat het goed gaat komen.
Trekvogels beschermen
Trekvogels verdienen bescherming op hun broedplekken, onderweg tijdens hun reizen over de aardbol én op de plekken waar ze overwinteren. Alleen daarom al werkt Vogelbescherming internationaal en zijn we onderdeel van BirdLife International, dat actief is in 120 landen. Omdat de aarde groot is, concentreren we ons werk vooral op de vogeltrekroute waar Nederland ook aan ligt, de Oost-Atlantische trekroute. In 2025 konden we dankzij een nalatenschap en de Nationale Postcode Loterij een project beginnen in vier West-Afrikaanse landen om de grutto daar beter te beschermen.
Soorten gered
Wat ook optimistisch stemt, is hoe wij samen met vrijwilligers, terreinbeheerders, onderzoekers en vele andere partijen een trendbreuk konden realiseren in de aantallen van vogels waar het heel lang heel slecht ging. Denk bijvoorbeeld aan de vogels die op het strand broeden of de grote karekiet. We hebben mensen in beweging gekregen om te helpen beschermen, fondsen geworven, onderzoek gestimuleerd, samenwerkingsverbanden gesmeed, pilots uitgevoerd en kennis toegankelijk gemaakt. Zo voorkwamen we bijna gegarandeerd verdwijnen, of een bestaan de marge van deze soorten. Er moet nog echt wat gebeuren om van gezonde populaties te spreken, maar de kennis om dat te bewerkstelligen is er nu grotendeels. Dat is iets waar we trots op zijn.
Vogelbescherming Nederland:
"Rest ons hier nog aandacht te vragen voor iedereen die zich ook in 2025 heeft ingezet voor vogels, niet in de laatste plaats onze ongeveer 150.000 leden. We vinden het een eer om samen met jullie op te trekken en op die manier vol te kunnen houden. Vasthoudendheid werkt dan ook goed, zo bleek in het verleden keer op keer. En als het tegenzit, hebben we elkaar om met nieuwe oplossingen voor de dag te komen. Dank!Rest ons hier nog aandacht te vragen voor iedereen die zich ook in 2025 heeft ingezet voor vogels, niet in de laatste plaats onze ongeveer 150.000 leden. We vinden het een eer om samen met jullie op te trekken en op die manier vol te kunnen houden. Vasthoudendheid werkt dan ook goed, zo bleek in het verleden keer op keer. En als het tegenzit, hebben we elkaar om met nieuwe oplossingen voor de dag te komen. Dank!"
dinsdag 23 december 2025
Kleine zwanen ontwaken op De Flaes
Ongeveer 40 Kleine Zwanen ontwaakte in de vroege ochtend op De Flaes op Landgoed De Utrecht. De Flaes is een van de 3 natuurvennen in het zuidelijke deel van Landgoed De Utrecht tussen Lage Mierde en Esbeek.
De kleine zwaan broedt in de arctische toendra's van Rusland en Siberië. In de herfst trekken ze naar Noordwest-Europa, waaronder Nederland en België, om te overwinteren. Daarbij leggen ze duizenden kilometers af. Door de zachtere winters overwinteren veel zwanen nu oostelijker dan voorheen, bijvoorbeeld in Duitsland of Denemarken, in plaats van door te vliegen naar Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Hierdoor zijn ze in Nederland een zeldzamere verschijning geworden.
Kleine zwanen overnachten dan vaak op vennen en ander open water, net als andere watervogels. Ze slapen daar omdat het water hen een veilige omgeving biedt tegen roofdieren die op het land jagen. Vaak slapen ze in grote groepen om hun veiligheid te vergroten. Helaas is de populatie van de kleine zwaan de afgelopen 10 jaar sterk afgenomen. Klimaatverandering en veranderingen in landbouwmethoden spelen hierbij een rol. De kleine zwaan is een Europees beschermde diersoort en staat op de Vogelrichtlijn, wat betekent dat hij volledige bescherming geniet en niet mag worden verstoord.
De zon stond nog erg laag tijdens de filmopname. Het was nog vrij donker en de zon scheen recht in de lens, dus moest ik filmen met veel tegenlicht. Vanaf de tegengestelde kant is de toegang verboden, of ze zaten veel te ver weg.
De kleine zwaan broedt in de arctische toendra's van Rusland en Siberië. In de herfst trekken ze naar Noordwest-Europa, waaronder Nederland en België, om te overwinteren. Daarbij leggen ze duizenden kilometers af. Door de zachtere winters overwinteren veel zwanen nu oostelijker dan voorheen, bijvoorbeeld in Duitsland of Denemarken, in plaats van door te vliegen naar Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Hierdoor zijn ze in Nederland een zeldzamere verschijning geworden.
Kleine zwanen overnachten dan vaak op vennen en ander open water, net als andere watervogels. Ze slapen daar omdat het water hen een veilige omgeving biedt tegen roofdieren die op het land jagen. Vaak slapen ze in grote groepen om hun veiligheid te vergroten. Helaas is de populatie van de kleine zwaan de afgelopen 10 jaar sterk afgenomen. Klimaatverandering en veranderingen in landbouwmethoden spelen hierbij een rol. De kleine zwaan is een Europees beschermde diersoort en staat op de Vogelrichtlijn, wat betekent dat hij volledige bescherming geniet en niet mag worden verstoord.
De zon stond nog erg laag tijdens de filmopname. Het was nog vrij donker en de zon scheen recht in de lens, dus moest ik filmen met veel tegenlicht. Vanaf de tegengestelde kant is de toegang verboden, of ze zaten veel te ver weg.
dinsdag 16 december 2025
50 Lepelaars strijken neer op de Flaes
De Flaes op Landgoed De Utrecht tussen Lage Mierde en Esbeek is een pleisterplaats voor veel trekvogels. In het najaar doen Lepelaars, Zwarte ooievaars en kleine zwanen de Flaes aan om op het water te overnachten en aan te sterken.
De Lepelaars zaten wat verspreid, maar na telling bleken het er ongeveer 50 te zijn. Lepelaars komen voor in vennen, bij sloten, op slikken en wadden. Het voedsel bestaat uit vis, waterdieren, slakken, insecten en wormen, ook wel eens plantendelen.
De Lepelaars die wij gedurende de vogeltrek zien, overwinteren vooral langs de West-Afrikaanse kust, zoals in het tropische waddengebied voor de Mauritaanse kust. In deze gebieden blijven ze 1 of 2 weken om op krachten te komen voordat ze weer verder trekken. In totaal kan de trektocht wel twee maanden duren.
Op de achtergrond zijn ook Zwarte ooievaars te zien, net als de Aalscholvers die regelmatig onder water duiken.
De Flaes op Landgoed De Utrecht heeft een oppervlakte van 4,9 hectaren, de andere vennen, De Kleine Flaes is 1,8 hectaren groot en het Goorven 5,6 hectaren.
De Lepelaars zaten wat verspreid, maar na telling bleken het er ongeveer 50 te zijn. Lepelaars komen voor in vennen, bij sloten, op slikken en wadden. Het voedsel bestaat uit vis, waterdieren, slakken, insecten en wormen, ook wel eens plantendelen.
De Lepelaars die wij gedurende de vogeltrek zien, overwinteren vooral langs de West-Afrikaanse kust, zoals in het tropische waddengebied voor de Mauritaanse kust. In deze gebieden blijven ze 1 of 2 weken om op krachten te komen voordat ze weer verder trekken. In totaal kan de trektocht wel twee maanden duren.
Op de achtergrond zijn ook Zwarte ooievaars te zien, net als de Aalscholvers die regelmatig onder water duiken.
De Flaes op Landgoed De Utrecht heeft een oppervlakte van 4,9 hectaren, de andere vennen, De Kleine Flaes is 1,8 hectaren groot en het Goorven 5,6 hectaren.
woensdag 10 december 2025
Grote zilverreiger op de Kattesteertvijver
Grote zilverreigers zijn te vinden in waterrijke gebieden, zoals ondiepe natuurplassen, natte weilanden en sloten. Daar doen ze zich te goed aan vissen, kikkers en muizen. De vogels zijn flexibel en trekken bij aanhoudende vorst verder naar het zuiden.
Het is een grote witte reiger, die voor weinig vergissing kan zorgen. Ze hebben een lange gele snavel en doorgaans zwarte poten. In de broedtijd worden de poten gedurende een korte periode rood en de snavel zwart. Er is geen verschil tussen mannetjes en vrouwtjes. Het voedsel is heel divers, voornamelijk vis, maar ook kikkers, muizen, kleine vogels en mollen. Deze reiger foerageert actiever dan de blauwe reiger in poelen en ander ondieper water met vis. Soms jagen ze ook op muizen in grasland.
De grote zilverreiger is van oorsprong een vogel uit het oostelijke, mediterrane gebied. Door het beschikbaar komen van geschikte leefgebieden heeft deze hagelwitte reiger zijn verspreiding inmiddels uitgebreid. Met name in de winter zijn grote aantallen te vinden in weidegebieden.
In de jaren tachtig van de vorige eeuw was de grote zilverreiger nog een zeldzaamheid, maar nu is hij algemeen geworden en zijn ze met name in de herfst en winter een algemene verschijning.
Het is een grote witte reiger, die voor weinig vergissing kan zorgen. Ze hebben een lange gele snavel en doorgaans zwarte poten. In de broedtijd worden de poten gedurende een korte periode rood en de snavel zwart. Er is geen verschil tussen mannetjes en vrouwtjes. Het voedsel is heel divers, voornamelijk vis, maar ook kikkers, muizen, kleine vogels en mollen. Deze reiger foerageert actiever dan de blauwe reiger in poelen en ander ondieper water met vis. Soms jagen ze ook op muizen in grasland.
De grote zilverreiger is van oorsprong een vogel uit het oostelijke, mediterrane gebied. Door het beschikbaar komen van geschikte leefgebieden heeft deze hagelwitte reiger zijn verspreiding inmiddels uitgebreid. Met name in de winter zijn grote aantallen te vinden in weidegebieden.
In de jaren tachtig van de vorige eeuw was de grote zilverreiger nog een zeldzaamheid, maar nu is hij algemeen geworden en zijn ze met name in de herfst en winter een algemene verschijning.
maandag 8 december 2025
2026 wordt Jaar van de Steenuil
De Steenuil is dan misschien de kleinste uil van Nederland wat zijn formaat betreft, voor zijn populariteit geldt dat zeker niet. Deze charismatische soort met zijn sprekende blik is altijd een feest om te mogen aanschouwen. Helaas zien we tegenwoordig veel minder Steenuilen op rasterpaaltjes of oude schuurtjes zitten dan vroeger. Samen met Vogelbescherming en STONE vraagt Sovon daarom in 2026 extra aandacht voor de Steenuil.
n de eerste helft van de twintigste eeuw was de Steenuil in ons land een algemene broedvogel, die alleen op de Waddeneilanden ontbrak. Inmiddels is zowel zijn verspreiding als de populatiegrootte sterk afgenomen. In de jaren vijftig werd de populatie nog op 25.000 paren geschat, terwijl de meest recente schatting (2018-2020) uitgaat van 8000-9500 paren. Deze terugloop heeft alles te maken met de intensivering van de landbouw. De Steenuil is namelijk gebonden aan kleinschalig, halfopen agrarisch landschap. Daardoor komt hij tegenwoordig vooral nog voor in regio’s waar dit type cultuurlandschap nog te vinden is, zoals de Achterhoek, Twente en delen van Noord-Brabant en het rivierengebied.
Steenuil waakt voor de nestholte
Sovon zal het komende jaar verschillende onderzoeken uitvoeren, waaronder een analyse van de verschillen in overleving tussen zand- en kleigrond. Op de zandgronden van ons land doet de Steenuil het namelijk beter. Op die manier hopen we beter te weten hoe we de Steenuil in Nederland het beste kunnen helpen.
Bron: www.sovon.nl/tellen/telprojecten/jaar-van-de-steenuil
n de eerste helft van de twintigste eeuw was de Steenuil in ons land een algemene broedvogel, die alleen op de Waddeneilanden ontbrak. Inmiddels is zowel zijn verspreiding als de populatiegrootte sterk afgenomen. In de jaren vijftig werd de populatie nog op 25.000 paren geschat, terwijl de meest recente schatting (2018-2020) uitgaat van 8000-9500 paren. Deze terugloop heeft alles te maken met de intensivering van de landbouw. De Steenuil is namelijk gebonden aan kleinschalig, halfopen agrarisch landschap. Daardoor komt hij tegenwoordig vooral nog voor in regio’s waar dit type cultuurlandschap nog te vinden is, zoals de Achterhoek, Twente en delen van Noord-Brabant en het rivierengebied.
Steenuil waakt voor de nestholte
Sovon zal het komende jaar verschillende onderzoeken uitvoeren, waaronder een analyse van de verschillen in overleving tussen zand- en kleigrond. Op de zandgronden van ons land doet de Steenuil het namelijk beter. Op die manier hopen we beter te weten hoe we de Steenuil in Nederland het beste kunnen helpen.
| Meedoen Ook jouw hulp is hard nodig komend jaar! Tijdens het Jaar van de Steenuil kun je bij twee projecten helpen Zet de Steenuil op de kaart Het Jaar van de Steenuil willen we graag gebruiken om nog beter in kaart te brengen waar in Nederland de Steenuil nog broedt. Hiervoor gaan we een claimkaart ontwikkelen, waarop jij een telgebied kunt uitkiezen waarvan we heel graag willen weten hoeveel Steenuilen er zitten. Zo komen we samen steeds meer te weten over waar in Nederland nog succesvol voorkomt. Hierover snel meer! Wat roept de Steenuil? De Steenuil is met zijn herkenbare roep bij uitstek geschikt om onderzoek te doen op basis van geluid. Het geluid van een alleenstaand mannetje is bijvoorbeeld anders dan dat van een uitgevlogen jong wat nog in het territorium van zijn ouders rondhangt. Door Steenuilgeluiden op te nemen en te analyseren, leren we meer over het gedrag van de soort. Je kunt nu al helpen door een Birdweather PUC in je tuin op te hangen, zodat we zoveel mogelijk Steenuilgeluiden kunnen opnemen. Later dit jaar kun je ook helpen met het analyseren van de opgenomen geluidjes! Hou voor meer informatie deze pagina in de gaten! Uiteraard houden we jullie ook via onze nieuwsbrief en sociale media op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen. |
Bron: www.sovon.nl/tellen/telprojecten/jaar-van-de-steenuil
vrijdag 5 december 2025
Parasitaire Illosporiopsis christiansenii
Deze parasitaire Illosporiopsis christiansenii fotografeerde ik in 2019 op de Belevensche Heide. Ik kwam deze foto's weer tegen toen ik in mijn fotoarchief naar een andere foto aan het zoeken was. Deze parasiet zie je niet zo vaak, en dat zal in de toekomst ook nog minder vaak voorkomen. Door de stikstofmaatregelen die de laatste jaren de uitstoot van stikstof (ammoniak) sterk hebben verminderd, komen er ook beduidend minder korstmossen voor, vooral de dooiermossen. En met namen het Groot dooiermos is een van de korstmossen waar deze parasiet op voor komt.
Korstmosparasieten zijn schimmels die parasiteren op korstmossen en meestal tot de ascomyceten behoren. De meeste soorten korstmosparasieten groeien op één of enkele specifieke gastheren. Korstmosparasieten kunnen overal gevonden worden, maar vooral op korstmossen die al onder niet-optimale groeiomstandigheden groeien, omdat die vatbaarder zijn. Er zijn maar weinig mensen die korstmosparasieten vinden en melden. Dit komt omdat er weinig over korstmosparasieten bekend is en veel soorten uitsluitend met specialistische literatuur en microscoop te determineren zijn. Toch zijn er soorten die op basis van veldkenmerken met vrij grote betrouwbaarheid gedetermineerd kunnen worden.
Overzicht van enkele parasieten
Wel is het dan belangrijk om de gastheer goed te determineren, omdat veel parasieten gastheerspecifiek zijn. In het artikel - ook via onderstaande link - zijn een aantal goed herkenbare soorten beschrijven. Tegelijkertijd geeft deze selectie een goed beeld van de veelvormigheid in uiterlijk van korstmosparasieten.
In dit artikel worden 27 korstmosparasieten beschreven die in het veld goed op naam gebracht kunnen worden. Ze zijn gerangschikt op gastheer, omdat dat vaak het uitgangspunt is voor determinatie van korstmosparasieten. Bij de behandelde soorten wordt het voorkomen in Nederland en de veldkenmerken geschetst. Voor complete soortbeschrijvingen kan literatuur geraadpleegd worden. Daarbij wordt wel benadrukt dat het altijd nuttig is om vondsten microscopisch te (laten) controleren, zeker wanneer het gaat om parasieten die in Nederland nog weinig gevonden zijn of om soorten met weinig duidelijke veldkenmerken.
Deze Illosporiopsis christiansenii fotografeerde ik in 2019. Foto 3 werd opgenomen in een overzicht van enkele goed herkenbare Nederlandse korstmosparasieten van 'Natuurtijdschriften', lees: https://natuurtijdschriften.nl/pub/1001647/BUX2019115001004.pdf (pagina 2 - foto 2). Ook de overige die zijn beschreven zijn interessant om te lezen.
'Natuurtijdschriften' is een initiatief van Naturalis Biodiversity Center in samenwerking met ongeveer 50 partnerorganisaties. Met steun van het Prins Bernhard Cultuurfonds hebben de Stichting Geologische Aktiviteiten, de Nederlandse Geologische Vereniging, RAVON en Naturalis in 2014 de handen ineen geslagen. Het resultaat hiervan was de lancering van Natuurtijdschriften.nl. In totaal vind je er meer dan 100.000 artikelen uit ongeveer 100 verschillende tijdschriften.
Korstmosparasieten zijn schimmels die parasiteren op korstmossen en meestal tot de ascomyceten behoren. De meeste soorten korstmosparasieten groeien op één of enkele specifieke gastheren. Korstmosparasieten kunnen overal gevonden worden, maar vooral op korstmossen die al onder niet-optimale groeiomstandigheden groeien, omdat die vatbaarder zijn. Er zijn maar weinig mensen die korstmosparasieten vinden en melden. Dit komt omdat er weinig over korstmosparasieten bekend is en veel soorten uitsluitend met specialistische literatuur en microscoop te determineren zijn. Toch zijn er soorten die op basis van veldkenmerken met vrij grote betrouwbaarheid gedetermineerd kunnen worden.
Overzicht van enkele parasieten
Wel is het dan belangrijk om de gastheer goed te determineren, omdat veel parasieten gastheerspecifiek zijn. In het artikel - ook via onderstaande link - zijn een aantal goed herkenbare soorten beschrijven. Tegelijkertijd geeft deze selectie een goed beeld van de veelvormigheid in uiterlijk van korstmosparasieten.
In dit artikel worden 27 korstmosparasieten beschreven die in het veld goed op naam gebracht kunnen worden. Ze zijn gerangschikt op gastheer, omdat dat vaak het uitgangspunt is voor determinatie van korstmosparasieten. Bij de behandelde soorten wordt het voorkomen in Nederland en de veldkenmerken geschetst. Voor complete soortbeschrijvingen kan literatuur geraadpleegd worden. Daarbij wordt wel benadrukt dat het altijd nuttig is om vondsten microscopisch te (laten) controleren, zeker wanneer het gaat om parasieten die in Nederland nog weinig gevonden zijn of om soorten met weinig duidelijke veldkenmerken.
Deze Illosporiopsis christiansenii fotografeerde ik in 2019. Foto 3 werd opgenomen in een overzicht van enkele goed herkenbare Nederlandse korstmosparasieten van 'Natuurtijdschriften', lees: https://natuurtijdschriften.nl/pub/1001647/BUX2019115001004.pdf (pagina 2 - foto 2). Ook de overige die zijn beschreven zijn interessant om te lezen.
'Natuurtijdschriften' is een initiatief van Naturalis Biodiversity Center in samenwerking met ongeveer 50 partnerorganisaties. Met steun van het Prins Bernhard Cultuurfonds hebben de Stichting Geologische Aktiviteiten, de Nederlandse Geologische Vereniging, RAVON en Naturalis in 2014 de handen ineen geslagen. Het resultaat hiervan was de lancering van Natuurtijdschriften.nl. In totaal vind je er meer dan 100.000 artikelen uit ongeveer 100 verschillende tijdschriften.
woensdag 3 december 2025
Groepen Grauwe ganzen bevolken de plassen
Groepen van honderden Grauwe ganzen bevolken de plassen, vooral na het broedseizoen. Ze maken steeds meer gebruik van gebieden met water zoals plassen die grenzen aan grasland, waar ze foerageren.
Na het broedseizoen verzamelen de ganzen zich in grotere groepen op graslanden, moerassen en op de akkers. De plassen fungeren dan als een belangrijke rustplaats waar ze minder te duchten hebben van predatoren.
Tijdens de vogeltrek vliegen grauwe ganzen in een V-formatie, waarbij ze een schor klinkende gak-gak roepen. Andere soorten ganzen zoals de kolgans en de brandgans, die ook in Nederland in grote aantallen overwinteren, vliegen ook in V-formatie, en maken vergelijkbare geluiden, maar minder schor.
Na het broedseizoen verzamelen de ganzen zich in grotere groepen op graslanden, moerassen en op de akkers. De plassen fungeren dan als een belangrijke rustplaats waar ze minder te duchten hebben van predatoren.
Tijdens de vogeltrek vliegen grauwe ganzen in een V-formatie, waarbij ze een schor klinkende gak-gak roepen. Andere soorten ganzen zoals de kolgans en de brandgans, die ook in Nederland in grote aantallen overwinteren, vliegen ook in V-formatie, en maken vergelijkbare geluiden, maar minder schor.
Abonneren op:
Reacties (Atom)




